| Kosten primaire sector - Land- en tuinbouw |
Aangekochte goederen en diensten 1,5% hoger
|
15-12-2025
|
De totale waarde van aangekochte goederen en diensten steeg in 2025 met zoān 1,5% tot 25,7 mld. euro. Dit is het resultaat van een 1% lager volume en een gemiddeld hogere prijs (+2,5%). Het totale verbruik in volume werd met name gedrukt door een lager verbruik van veevoer (-4%). Dit is in lijn met het dalende volume van de dierlijke output. Ook het verbruik van energie daalde licht (-0,5%). Hoewel het voorjaar erg licht was, was het gemiddeld genomen wel kouder dan vorig jaar. Het gebruik van kunstmest bleef nagenoeg gelijk en er werd meer zaaizaad en pootgoed (+2%) gebruikt. Voor de categorie āoverige goederen en dienstenā is het volume met 0,5% gestegen. De veevoerprijzen kwamen in 2025 zoān 2% lager uit. Ondanks de dalende trend nemen de energieprijzen voor met name elektriciteit en aardgas, door aflopende langjarige energiecontracten, nog steeds toe. Het totale energieverbruik is nagenoeg gelijk gebleven. Veel glastuinders hebben de teeltplannen aangepast met meer (led)belichting en zijn weer meer teruggegaan naar de oude teeltprogrammaās, met belichte teelt in de wintermaanden, van voor de extreem hoge energieprijzen. Voor zaaizaad en pootgoed en de categorie āoverige goederen en dienstenā zijn de prijzen met respectievelijk 3,5% en 4,5% toegenomen. Ook kunstmest werd fors duurder (+10,5%). Van de agrarische dienstverlening werd in 2025 meer gebruikgemaakt (+1%) tegen 3% hogere prijzen.
|
De totale kosten voor de agrarische sector zijn in 2025 iets minder sterk toegenomen dan de totale opbrengsten. Na vijf jaren op rij van ruilvoetverslechtering was er in 2024 voor het eerst een ruilvoetverbetering. Voor 2025 wordt echter weer een ruilvoetverslechtering geraamd: de gemiddelde prijs van aangekochte goederen en diensten steeg met 2,5%, terwijl de gemiddelde prijs van de totale agrarische productie met 1% toenam. De productiviteit is in 2025, in tegenstelling tot vorig jaar, wel weer verbeterd. In 2023 werden er, net als in 2022, lagere productie- en verbruiksvolumes gerealiseerd. Voor 2024 worden opnieuw lagere productievolumes geraamd, maar was er een kleine toename van het verbruik. In 2025 stijgt de productie (+1%) en daalt het verbruik van aangekochte goederen en diensten (-1%).
Ongeveer eenderde deel van de kosten in de landbouw bestaat uit hier niet nader gespecificeerde posten zoals onderhoud van gebouwen en machines en diverse administratieve diensten (accountants, banken, veilingen, telefoon, mestafzet) die aan de agrarische sector geleverd worden. In de prijs van deze diensten is normaal gesproken weinig ontwikkeling te zien. Deze kan soms licht dalen als gevolg van concurrentie, maar volgt over het algemeen de jaarlijkse inflatie. Voor 2025 komt de prijsmutatie hoger uit dan de inflatie door de sterk gestegen prijs (+19%) voor mestafzet. De volumeontwikkeling volgt voor de meeste posten de ontwikkeling van het aantal bedrijven. Hoewel de ontwikkeling van het aantal bedrijven een dalende trend vertoont, komt de volumeontwikkeling van de niet nader gespecificeerde kosten dit jaar onder invloed van met name fors toegenomen mestafzetkosten (+19%) een half procent hoger uit.
|