| Vertrouwen - Akkerbouw |
Pessimisme krijgt de overhand bij akkerbouwers
|
25-11-2025
|
Akkerbouwers hebben het derde kwartaal van 2025 minder vertrouwen in hun eigen onderneming dan een kwartaal eerder. Het vertrouwen van -5,5 punten scoort onder het langlopend gemiddelde van 8 punten. De stemmingsindex daalt met 11 punten naar 10,5: dat is positief, maar laag vergeleken met andere sectoren. De index met betrekking tot de verwachte situatie op het bedrijf voor over 2 à 3 jaar daalt 3 punten naar -20, de laagste score in de totale land - en tuinbouw. Beide indicatoren vormen samen de Agro Vertrouwensindex.
|
De Agro Vertrouwensindex van de akkerbouwers is in het derde kwartaal 2025 gemiddeld 12 punten lager dan het gemiddelde in de totale land- en tuinbouwsector in het derde kwartaal van 2025.
Stemmingsindex
De huidige situatie op het akkerbouwbedrijf, uitgedrukt in de stemmingsindex, is gedaald. De index van nu 10,5 punten ligt ruim onder het langjarige gemiddelde van 22 punten (2013-2025). De stemmingsindex ligt 14 punten onder het gemiddelde van de totale land- en tuinbouw dit derde kwartaal van 2025. De kg-opbrengsten zijn goed, maar dat zijn die ook in de rest van Europa. Zo zijn de prijzen van de gewassen zeer laag, wat het resultaat en daarmee de stemming niet ten goede komt.
Toekomstverwachting Akkerbouwers zijn negatiever over hun economische bedrijfssituatie voor de middellange termijn (2 à 3 jaar) dan vorig kwartaal. De index staat in het derde kwartaal van 2025 op -20 punten. Het langjarige gemiddelde (2013-2025) voor de akkerbouw voor deze index ligt op -3. Voor de middellange termijn zal men minder positief zijn omdat de prijzen van aardappelen en suikerbieten onder sterke druk staan. Hoewel dit niet is gevraagd aan de respondenten in deze enquête, is er volgens sectordeskundige Mark Manshanden een recordproductie aan aardappelen; dit betekent dat er ook volgend seizoen nog een voorraad aardappelen uit de bewaring komt die de prijs onder druk zet. De verwerkers hebben al signalen afgegeven dat het areaal van met name aardappelen en suikerbieten omlaag moet. Er is echter voor de akkerbouwer vrijwel geen alternatief gewas dat gelijke financiële opbrengsten levert. In dit soort gevallen valt men meestal terug op granen. Voor de individuele boer is het gunstig om toch het suikerbieten- en aardappelenareaal te behouden wanneer de rest dit niet zou doen. Maar als geen enkele akkerbouwer het areaal aanpast, zit men volgend jaar in dezelfde situatie. Dit is in essentie een vorm van ‘tragedy of the commons’.
Conjunctuurindex (laatste 12 maanden)
Akkerbouwers kijken negatief terug op de afgelopen 12 maanden (conjunctuurindex terugkijkend). De index is dit derde kwartaal van 2025 wel 2 punten gedaald naar -30 punten. Alle indexen die onderdeel zijn van de conjunctuur zijn negatief, met uitzondering van de productie, die sterk positief wordt ingeschat. De ontwikkelingsrichting van de index voor de opbrengstprijs is 19 punten negatief terwijl de index voor de productieontwikkeling juist met 30 punten toeneemt. Dat geeft goed weer dat de prijzen zijn ingezakt en de tonnen gewasopbrengst zeer goed zijn. De aardappelcontractprijzen van dit jaar (2024/2025) waren goed, maar door de grote opbrengst valt een relatief groot deel van de aardappelen niet onder die prijs. Alles wat niet onder het contract valt wordt voor dagprijs verhandeld en die prijs is grofweg 10% van de contractprijs.
Conjunctuurindex (komende 12 maanden)
De conjunctuurindex die 12 maanden vooruitkijkt staat op -31 punten. De index is gelijk aan vorig kwartaal. Akkerbouwers hebben dus op de korte termijn een economisch negatief beeld van hun bedrijf. Het langjarige gemiddelde is -12 punten. Met name de indexen voor de kosten en die voor opbrengstprijzen zijn sterk gestegen dit kwartaal. De verwachting voor de prijzen voor volgend jaar zijn dus beter dan dit jaar. En men verwacht dat de kosten dalen. De indexen voor productie en winst dalen juist. Volgens eerder genoemde sectorexpert lijkt dit allemaal goed te verklaren. De hoge opbrengsten van dit seizoen (2024/2025) komen niet vaak voor, een daling is dus logisch. Dit geldt ook voor de prijs, die wel beter zal zijn omdat voor veel gewassen de bodem wel bereikt moet zijn. De kosten voor bijvoorbeeld pootgoed zullen mogelijk dalen. Die waren afgelopen jaar erg hoog door de enorme vraag naar pootgoed. Indien er minder uitgezaaid gaat worden, zal de prijs ook omlaaggaan. Hoeveel is echter nog de vraag.
“De financiële resultaten van seizoen 2024/2025 die de komende maanden bekend zullen worden hangen sterk af van welke gewassen een bedrijf verbouwt en het wel of niet leveren onder contract” geeft Mark Manshanden aan. “Aardappel op contract is redelijk, de overtonnen leveren niet veel op. Maar als een teler alles zonder contract op de markt moet brengen, zal er geen winst gemaakt worden. De uiteindelijke uitbetaalprijs van suikerbieten zal 2026 bekend worden, hoewel de marktprijs voor suiker sinds jaren op zijn laagste punt staat. Daar valt niet veel van te verwachten. Ook de tafelaardappel en pootaardappel lijken te lijden onder het grote aanbod consumptieaardappel. Die prijzen zullen ook lager uitvallen dan het afgelopen jaar. En dan resteren de granen, waar de wereldmarkt ook geen positieve indicatie van prijs geeft. Dit jaar zal dus gemiddeld geen positief financieel resultaat opleveren”.
Aanmelden om mee te doen kan nu Het is nu mogelijk om u aan te melden voor deze enquête, mits u een primair agrarisch bedrijf heeft. Dat wordt u van harte aanbevolen door ASR real estate, Wageningen Social & Economic Research en het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN). Ga naar de website van Wageningen Social & Economic Research, uitvoerder van dit onderzoek, en vul uw gegevens hier in.
|