| Vertrouwen - Land- en tuinbouw |
Sterke afname Vertrouwensindex Land- en Tuinbouw: index daalt onder nulpunt in tweede kwartaal 2026
|
8-9-2026
|
Het vertrouwen dat boeren en tuinders in de land- en tuinbouw in hun onderneming hebben, is in het tweede kwartaal van 2026 met 5 punten gedaald ten opzichte van het eerste kwartaal van 2026. De Agro Vertrouwensindex staat nu op -0,5 punten.
|
Het nulpunt geeft aan dat er evenveel positief als negatief gestemde ondernemers zijn. In het tweede kwartaal van dit jaar zijn er dus iets meer negatief gestemde boeren en tuinders dan positief gestemde boeren en tuinders. Het vertrouwen van ondernemers ligt ook onder het langlopende gemiddelde van ongeveer 10,5 punten. De Agro Vertrouwensindex zit sinds het eerste kwartaal van 2025 in een dalende lijn. Op de index voor glastuinders na daalde de vertrouwensindex in elke landbouwsector tussen het eerste en tweede kwartaal van 2026. Alleen in het eerste kwartaal van 2020 was het vertrouwen lager dan nu.
De vertrouwensindex is opgebouwd uit twee indices: de stemmingsindex en de index over de verwachting met betrekking tot het bedrijf voor de middellange termijn. Beide indices daalden voor de land- en tuinbouwsector als geheel. Hierbij namen de verwachtingen met betrekking tot het bedrijf voor de komende twee à drie jaar (middellangetermijnverwachting) echter veel sterker af (7 punten) dan de stemmingsindex (circa 3 punten).
Hoewel het vertrouwen in de glastuinbouw een lichte verbetering toonde, was hier mogelijk sprake van een kleine positieve correctie (+2 punten) op de sterke daling (-12 punten) die in het eerste kwartaal werd genoteerd. Bij andere sectoren daalde het vertrouwen. Bij enkele sectoren was de daling zeer beperkt, zoals bij de opengrondstuinbouw en akkerbouw (minder dan 1 punt). Andere sectoren laten echter een daling met dubbele cijfers zien. De index voor de biologische sector daalde met 10 punten, het vertrouwen van melkveehouders daalde 11 punten, het vertrouwen van de pluimveehouderij bijna 14 punten en het vertrouwen van de (altijd sterk fluctuerende) varkenshouderij daalde met maar liefst 24 punten. Ondanks deze sterke daling is het vertrouwen nog altijd boven het nulpunt in vier van de zeven sectoren: de biologische sector, de pluimveehouderij, de opengrondstuinbouw en tot slot de glastuinbouw. Wel liggen de huidige indices in alle sectoren (met uitzondering van de biologische) onder het langlopende gemiddelde van de betreffende sector.
De huidige stemming op het bedrijf is in veel gevallen nog wel goed te noemen. Deze index ligt in de meeste gevallen om en nabij het langjarige gemiddelde. Uitzonderingen hierop zijn de melkveehouderij en de akkerbouwers, die qua stemming ver onder het langjarige gemiddelde zitten. Door de extreme verslechtering van de stemming bij de varkenshouderij ligt de stemming hier zelfs onder nul: -19,7 punten. Ondanks de daling van de stemmingsindex van -10 punten in het tweede kwartaal is de stemming onder pluimveehouders nog altijd prima (57 punten) en veel hoger dan gangbaar in de sector (29 punten). Bij melkveehouders en bij bedrijven uit de biologische sector daalde de stemmingsindex ook ongeveer 10 punten. Bij de opengrondstuinbouw bleef deze nagenoeg gelijk. Terwijl bij akkerbouwers de index 4 punten daalde, steeg deze bij de glastuinders juist met hetzelfde aantal punten. De totale land- en tuinbouwstemming daalde met 2,6 punten tot bijna 13 punten, wat 7 punten lager dan gebruikelijk is.
Ook de index met betrekking tot de verwachte situatie op het bedrijf voor over twee à drie jaar daalde 7 punten tussen het eerste en tweede kwartaal van 2026. Hierdoor zakt het vertrouwen, voor de land- en tuinbouwsector als geheel, voor de langere termijn verder onder nul (-12,4 punten). In het tweede kwartaal zijn alleen de ondernemers in de biologische sector nog positief met betrekking tot de middellange termijn. De index kwam uit op 6,5 punten, waarbij er een daling van 10 punten was ten opzichte van een kwartaal eerder. De varkenshouderij kijkt min of meer neutraal naar de toekomst, en heeft een index die maar net boven nul uitkomt (0,8 punt, bij een daling van bijna 7 punten). Boeren en tuinders uit andere sectoren zijn negatief over de toekomst en hebben een index onder nul, ondanks de lichte toename van de indices van de opengrondstuinbouw, glastuinbouw en akkerbouw in dit kwartaal. Alle huidige indices liggen onder het gangbare gemiddelde.
Duiding van de stemmingsindex of de toekomstverwachting kan gedeeltelijk gevonden worden in respectievelijk de conjunctuurindex terugkijkend en de conjunctuurindex vooruitkijkend. De eerste index geeft een beoordeling van de situatie op het bedrijf in de afgelopen twaalf maanden en de tweede kijkt twaalf maanden vooruit. Bij deze indices wordt er naar achterliggende factoren gevraagd, die de huidige stemming en het gevoel dat ondernemers hebben over de langere termijn zouden kunnen onderschrijven. Per sector staat er op www.agrimatie.nl meer informatie over deze factoren. Hieronder wordt alleen het vertrouwen van de totale land- en tuinbouwsector besproken.
Ondernemers in de land- en tuinbouw zijn, net als bij de stemmingsindex, opnieuw negatiever geworden over de laatste twaalf maanden. De index daalde deze keer met ruim 9 punten tot ruim -33 punten, terwijl de gangbare score -9 punten is. De index daalt al sinds het derde kwartaal van 2024. Alle onderliggende indicatoren leverden lagere scores op dan in het eerste kwartaal van 2026. Boeren en tuinders geven aan dat ze in de afgelopen twaalf maanden te maken hadden met hogere kosten, lagere opbrengstprijzen, lagere producties, minder omzet en minder winst, zo blijkt uit de achterliggende indicatoren van deze terugkijkende conjunctuurindex. Op de productie na liggen alle indicatoren lager dan het langlopende gemiddelde.
Ondernemers in de land- en tuinbouw hebben voor de komende twaalf maanden (conjunctuurindex vooruitkijkend) hun verwachtingen enigszins naar boven bijgesteld. Ondanks de voorzichtige positieve bijstelling van 1 punt blijven de verwachtingen voor de komende twaalf maanden echter negatief (-18 punten). Ondernemers verwachten dat de kosten enigszins zullen afnemen (+5 punten), maar dat de productie lager zal uitvallen. Andere indicatoren, zoals de opbrengstprijs en de omzet, veranderden nauwelijks ten opzichte van een kwartaal eerder. De verwachtingen met betrekking tot de winst werden iets optimistischer (+3 punten). Ook hier vallen alle indicatoren en de index lager uit dan het langlopende gemiddelde.
U kunt zich nu aanmelden om mee te doen aan deze enquête Het is nu mogelijk om u aan te melden voor deelname aan deze enquête, mits u een primair agrarisch bedrijf heeft. Dat wordt u van harte aanbevolen door ASR real estate, Wageningen Social & Economic Research en het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN). Ga naar de website van Wageningen Social & Economic Research, uitvoerder van dit onderzoek, en vul uw gegevens hier in.
|