Waterkwaliteit op akkerbouwbedrijven
Laatste update: 18 december 2025 Update frequentie: Jaarlijks
Nadat de gemiddelde nitraatconcentratie in het uitspoelingswater op akkerbouwbedrijven in de periode van 2017 t/m 2020 een stijgende trend vertoonde, is vanaf 2022 in alle regio’s een daling zichtbaar. Door de vele neerslag in 2023 en 2024 daalde de nitraatconcentratie in 2024 verder in de Zand- en Kleiregio.
Waterkwaliteit
De grafieken op deze pagina zijn visueel gepresenteerd en zijn niet goed leesbaar met screenreaders.
Grafiek wordt geladen...
De nitraatconcentratie in uitspoelingswater is het hoogst in de Lössregio, gevolgd door de Zandregio. In de Kleiregio is de nitraatconcentratie in uitspoelingswater het laagst.
De gemiddelde nitraatconcentratie in het uitspoelingswater op akkerbouwbedrijven wordt in de Zandregio al sinds 1992 gemeten. De nitraatconcentraties in deze regio fluctueerden in de beginjaren van het Basismeetnet sterk, maar lagen altijd ruim boven de norm van 50 mg/l. In de periode 2006-2016 is een geleidelijke daling zichtbaar in de gemiddelde nitraatconcentraties. Als gevolg van droogte is de gemiddelde nitraatconcentratie vanaf 2017 weer toegenomen. Door droogte wordt er minder nitraat in de bodem afgebroken, waardoor de nitraatconcentratie in het grondwater stijgt. In 2022 lijkt het effect van de droogte af te nemen en daalt de gemiddelde nitraatconcentratie weer. In 2024 ligt de gemiddelde nitraatconcentratie rond 48 mg/l.
Sinds de start van de metingen daalt de gemiddelde nitraatconcentratie in het uitspoelingswater geleidelijk op akkerbouwbedrijven in de Kleiregio. Door invloed van droogte is in 2019 een sterke stijging zichtbaar in de gemiddelde nitraatconcentratie. Vanaf 2021 daalt de gemiddelde nitraatconcentratie weer. In 2024 daalt de gemiddelde nitraatconcentratie in deze regio verder naar 23 mg/l.
De Lössregio kent de hoogste gemiddelde nitraatconcentratie op akkerbouwbedrijven. In de periode tussen 2017 en 2020 is door invloed van droogte ook in deze regio een stijging in de nitraatconcentraties zichtbaar. Na 2020 daalde de gemiddelde nitraatconcentratie fors. In de Lössregio worden de metingen later uitgevoerd dan in de andere regio’s. Daarom zijn de resultaten van 2024 voor deze regio nog niet beschikbaar. In 2023 lag de gemiddelde nitraatconcentratie op 110 mg/l.
Akkerbouwbedrijven komen in de Veenregio weinig voor. Daarom bemonstert het RIVM dit bedrijfstype niet in deze regio.
De stikstofconcentratie (N-totaal) in het uitspoelingswater op akkerbouwbedrijven laat in alle regio’s een vergelijkbaar patroon zien als dat voor nitraat.
Sinds de start van de metingen daalt de gemiddelde nitraatconcentratie in het uitspoelingswater geleidelijk op akkerbouwbedrijven in de Kleiregio. Door invloed van droogte is in 2019 een sterke stijging zichtbaar in de gemiddelde nitraatconcentratie. Vanaf 2021 daalt de gemiddelde nitraatconcentratie weer. In 2024 daalt de gemiddelde nitraatconcentratie in deze regio verder naar 23 mg/l.
De Lössregio kent de hoogste gemiddelde nitraatconcentratie op akkerbouwbedrijven. In de periode tussen 2017 en 2020 is door invloed van droogte ook in deze regio een stijging in de nitraatconcentraties zichtbaar. Na 2020 daalde de gemiddelde nitraatconcentratie fors. In de Lössregio worden de metingen later uitgevoerd dan in de andere regio’s. Daarom zijn de resultaten van 2024 voor deze regio nog niet beschikbaar. In 2023 lag de gemiddelde nitraatconcentratie op 110 mg/l.
Akkerbouwbedrijven komen in de Veenregio weinig voor. Daarom bemonstert het RIVM dit bedrijfstype niet in deze regio.
De stikstofconcentratie (N-totaal) in het uitspoelingswater op akkerbouwbedrijven laat in alle regio’s een vergelijkbaar patroon zien als dat voor nitraat.

