Waterkwaliteit op akkerbouwbedrijven

Laatste update: 17 december 2024 Update frequentie: Jaarlijks

Nitraatuitspoeling in Zandregio stagneert in 2022, daling zichtbaar in andere regio’s

De gemiddelde nitraatconcentratie in het uitspoelingswater van akkerbouwbedrijven in de Zandregio laat na een jarenlange stijging geen verdere toename zien in 2022. In de Klei- en Lössregio daalt de gemiddelde concentratie al enkele jaren.

Waterkwaliteit

Grafiek wordt geladen...
De nitraatconcentratie in uitspoelingswater is het hoogst in de Lössregio, gevolgd door de Zandregio. In de Kleiregio is de nitraatconcentratie in uitspoelingswater het laagst.
In de Zandregio wordt de nitraatconcentratie in uitspoelingswater sinds 1992 gemeten. De waarden schommelen sterk in de beginjaren, maar blijven altijd ruim boven de norm van 50 mg nitraat per liter (NO3/l). Tussen 2006 en 2016 daalt de gemiddelde concentratie, maar na 2016 stijgt deze weer door droogte. Droogte remt de afbraak van nitraat in de bodem, waardoor het gehalte in het grondwater toeneemt. In 2022 lijkt dit effect af te nemen, met een gemiddelde concentratie van 89 mg NO3/l.

In de Kleiregio daalt de gemiddelde nitraatconcentratie sinds de start van de metingen tot 2017. In 2019 veroorzaakt droogte een opvallende stijging, maar daarna zet de daling weer in. In 2022 bereikt de concentratie een waarde van ongeveer 37 mg NO3/l.

De Lössregio kent de hoogste nitraatconcentraties. Hier monitort het RIVM sinds 2006 de waterkwaliteit. Tussen 2016 en 2020 leidt droogte ook hier tot een stijging, maar na 2020 daalt de gemiddelde concentratie snel. In 2022 komt deze uit op 99 mg NO3/l.

In de Veenregio zijn nauwelijks akkerbouwbedrijven. Daarom voert het RIVM hier geen metingen uit voor dit bedrijfstype.

Het stikstofgehalte (N-totaal) in uitspoelingswater volgt in alle regio’s een vergelijkbaar patroon als de nitraatconcentratie.

Over de indicator

De nitraatconcentratie in het bovenste grondwater, uitgedrukt als milligram nitraat per liter grondwater. Er wordt onderscheid gemaakt naar de grondsoortregio’s: Klei, Veen, Zand en Löss. Gemeten nitraatconcentraties in de bovenste meter grondwater, bodemvocht of drainwater worden meestal ongecorrigeerd weergegeven. Om een beeld te krijgen van de invloed van weersvariaties (neerslagoverschot) en samenstelling van de groep bemonsterde bedrijven op de nitraatconcentratie, is een methode ontwikkeld om hiervoor te corrigeren. Deze procedure bestaat tot nu toe voor de gemiddelden voor de Klei- en Zandregio (niet gespecificeerd voor bedrijfstype).

Bron en getoonde groep bedrijven

Het RIVM verzamelt gegevens over de nitraatconcentratie in het bovenste grondwater op de steekproefbedrijven in het LMM. De getoonde data op deze pagina komen uit het basismeetnet van het LMM. In het basismeetnet wordt op ongeveer 250 landbouwbedrijven (melkveebedrijven, akkerbouwbedrijven, staldierbedrijven en (overige) dierbedrijven) jaarlijks de grond- en oppervlaktewaterkwaliteit gemeten. Het Basismeetnet is representatief voor meer dan 85% van het Nederlandse landbouwareaal. Daarmee doet het RIVM uitspraken over de waterkwaliteit voor het grootste gedeelte van de Nederlandse landbouw.