Beregening op staldierbedrijven

Laatste update: 17 december 2024 Update frequentie: Jaarlijks

Afname van beregening en beregeningsintensiteit op staldierbedrijven in 2023

Op staldierbedrijven waarop het Landelijk Meetnet effecten Mestbeleid (LMM) gericht is, neemt het aandeel van de bedrijven dat beregent af (11% in 2023 ten opzichte van 17% in 2022). De intensiteit van beregenen (uitgedrukt in millimeters) is ook afgenomen tot 34 mm.

Aandeel bedrijven

Grafiek wordt geladen...
Het gemiddelde aandeel staldierbedrijven met beregening varieert door de tijd. Het jaar 2023 betreft voorlopige cijfers.

Watergift

Grafiek wordt geladen...
De watergift op het beregend areaal wisselt sterk op staldierbedrijven. Het jaar 2023 betreft voorlopige cijfers.

De mate waarin er op de staldierbedrijven beregend wordt, verschilt van jaar tot jaar. Vanwege de droogte is er in de jaren 2018-2020 en 2022 ook frequenter en op meer gewassen beregend. In 2023 is zowel het aandeel bedrijven dat beregent als de intensiteit van de beregening door een betere vochtvoorziening in het groeiseizoen afgenomen ten opzichte van het voorgaande jaar.

Over de indicator

Aandeel beregening: deze indicator geeft per jaar weer welk percentage van de bedrijven ten minste eenmaal een gewas beregend heeft.

Beregeningsintensiteit: deze indicator beschrijft de watergift (in millimeters) die gemiddeld via beregening op de beregende percelen gegeven is.

Bron en getoonde groep bedrijven

De gegevens voor beide indicatoren zijn afkomstig uit het Bedrijveninformatienet van Wageningen Social & Economic Research. Binnen het Bedrijveninformatienet verzamelt Wageningen Social & Economic Research bedrijfsgegevens over ongeveer 1.500 individuele land- en tuinbouwbedrijven. De verzamelde gegevens betreffen vooral financieel-economische en duurzaamheidsgegevens.

Alleen bedrijven in het Bedrijveninformatienet die binnen de definitie van het Landelijk Meetnet effecten Mestbeleid (LMM) vallen, worden getoond. Voor de bedrijven geldt dat ze minimaal 25.000 euro Standaardopbrengst hebben en 10 of meer ha cultuurgrond gebruiken.