Mijn agrimatie
v

Agrimatie - informatie over de agrosector

     
Actuele ontwikkeling
Kies een thema
Algemeen

Economie

Maatschappij

Milieu

 
  
  
   
   
   
Inkomen uit bedrijf - Glastuinbouw

Toename van inkomen voor glastuinders; opbrengsten stijgen net iets meer dan kosten
18-12-2024
Het inkomen uit bedrijf in 2024 wordt voor een gemiddeld glastuinbouwbedrijf geraamd op 307.000 euro per onbetaalde arbeidsjaareenheid (oaje). Dit is 20.000 euro hoger dan in 2023 en bijna euro 70.000 boven het gemiddelde inkomen voor de periode 2019-2023.



De toename van de opbrengsten met ruim 4% was voldoende om de stijging van de betaalde kosten en afschrijvingen met 4% te compenseren. Het gemiddelde glastuinbouwbedrijf nam met bijna 5,5% in omvang toe, als gekeken wordt naar de beteelbare oppervlakte.

Uiteraard geldt dit alleen als naar het gemiddelde bedrijf wordt gekeken. Maar de spreiding die al groot was, heeft in 2024 nog iets grotere vormen aan genomen. Het groene vlak in de spreidingsfiguur geeft deze diversiteit van inkomens aan. In 2024 is te zien dat vooral aan de bovenkant het groene vlak groter is geworden, maar ook aan de onderkant maakt de lijn iets naar beneden af te buigen. De spreiding tussen 60% van de bedrijven, die zich in het groen vlak bevinden, is dus groter geworden. Een groep van 20% van de bedrijven heeft slechts een inkomen van minder dan 18.300 euro en eenzelfde groep presteert, met een inkomen per onbetaalde arbeidsjaareenheid groter dan 437.000 euro, veel beter dan het gemiddelde.

Het gemiddelde inkomen is samengesteld uit veel verschillende bedrijven met verschillende grootte, bedrijfsinrichting en kosten- en opbrengstenstructuur. Het bedrijfsresultaat en het gemiddeld inkomen zijn het resultaat van geschatte kosten als opbrengsten ontwikkelingen op een zeer beweeglijke markt.



De verschillende kosten- en opbrengstenposten ontwikkelen zich door middel van prijs- en volumeveranderingen. Ook de steekproef van bedrijven, waarop de cijfers zijn gebaseerd, is elk jaar anders, en worden de wegingsfactoren die bedrijven meekrijgen elk jaar aangepast. Met deze aanpassingen in het achterhoofd zijn de veranderingen van het gemiddelde bedrijf berekend.

De verschillende kostenposten laten over het algemeen een stijgende lijn zien, de energiekosten uitgezonderd. Zo liggen de stijgingen van de grote kostenposten voor een gemiddeld bedrijf rond de 10%. De toegerekende kosten, alle kosten de direct te maken hebben met de productie, zoals zaai- en pootgoed, nemen met 11% toe en stijgen ook betaalde arbeidskosten ruim 11%. De financieringslasten (10%) en het werk door derden (9%) nemen met name toe door groei in de bedrijfsomvang. De prijs- en volumecomponent is veelal lager. Op deze kostenstijging is een uitzondering en dat zijn de energiekosten. In deze raming is ervan uitgegaan dat deze zullen afnemen met een kleine 17%. Gedaalde prijzen op de spotmarkten en energiebesparingen liggen hierbij aan de basis. Maar ook een afname van handelsactiviteiten. Deze ontwikkeling vond plaats ondanks de intensivering van de productie in sommige sectoren na extensiveringen die in 2023 en eerder plaatsvonden.

De opbrengsten namen gemiddeld 4,5% toe door hogere opbrengsten uit de verkoop snijbloemen die, door beperktere buitenlandse concurrentie en matige groei door het donkere weer en bij sommige gewassen lager aanbod, goede prijzen ontvingen voor hun producten. Bij vooral groene potplanten- en perkplantentelers was er een minder goed jaar. De vraag bij groene planten bleef achter na enkele goede jaren en perkplanten hadden last van wisselende weersomstandigheden. Voor glasgroenten waren er wisselende opbrengsten. Tomaten kenden wat lagere prijzen. Bij komkommertelers waren de prijzen juist weer prima. Bij paprika veranderde er niet heel veel en bij aardbei waren de prijzen goed bij minder aanbod waardoor de opbrengsten uit gewassen voor een gemiddeld bedrijf 7% kon toenemen. Die groei werd geremd door minder opbrengsten uit de verkoop van en handel in energieproducten. Maar dit laatste cijfer is met meer onzekerheid omgeven. Er is nu met een daling van ruim 8% gerekend in opbrengsten, waardoor de totale opbrengsten van een gemiddeld glastuinbouwbedrijf werden gecorrigeerd tot een gemiddelde toename van 4,5%.

 

Door de hogere prijzen die snijbloemen voor hun producten kregen, is dit nu het bedrijfstype dat in deze raming het hoogste inkomens per oaje heeft. Vorig jaar was het gemiddelde inkomen op snijbloemenbedrijven nog de laagste van alle subsectoren. Bij pot- en perkplanten schommelt het inkomen wat meer de laatste jaren, terwijl de glasgroentebedrijven gemiddeld genomen een wat meer stabiele lijn volgen. Sinds 2015 ligt het inkomen een stuk hoger dan in de jaren daarvoor voor het gemiddelde glasgroentebedrijf. Snijbloemen en pot- en perkplanten volgen een wat meer geleidelijke ontwikkelingen.


Kies een indicator
Deze informatie voor

Contactpersoon
Harold van der Meulen
0317-484436
 

Referenties



Meer informatie
Toelichting indicator
Thema omschrijving
Beleidsinformatie
Archief


naar boven