Mijn agrimatie
v

Agrimatie - informatie over de agrosector

Agrimatie > Thema's > Economisch resultaat
     
Economisch resultaat
Kies een indicator
Inkomen uit bedrijf - Glasgroententeelt

Glasgroentesector groeit, aanpassingen nodig om concurrerend te blijven
18-12-2023

De prestaties van glasgroentebedrijven werden in 2023 aanzienlijk beïnvloed door gevolgen van genomen teeltmaatregelen als gevolg van de hoge energieprijzen eind 2022, een koude en donkere aanvang van het teeltseizoen 2023, een positieve vraag naar hun producten, veelal gunstige productprijsontwikkelingen en dalende energie-prijzen in 2023.



De verwachting is dat de opbrengsten per gemiddeld glasgroentebedrijf met 0,3% zijn gestegen ten opzichte van 2022, terwijl de kosten met 2,5% zijn afgenomen.

In 2023 is het geraamde bedrijfsinkomen voor glasgroentebedrijven per onbetaalde arbeidsjaareenheid (oaje)1) toegenomen met ongeveer 45.000 euro tot 415.000 euro voor het gemiddelde bedrijf. De variatie tussen bedrijven die boven dit gemiddelde inkomen uitkomen en bedrijven die lager uitkomen, blijft groot.

De energieprijzen in 2022 hadden een aanzienlijke invloed op het teeltseizoen 2023. Ondernemers werden geconfronteerd met hoge energiekosten en naderende afloop van gascontracten. Dit leidde tot voorzichtigere gasinkoop en ingrijpende beslissingen in het teeltplan voor 2022-2023. De gevolgen van deze maatregelen waren duidelijk zichtbaar, aangezien ondernemers drastische keuzes maakten op het gebied van energiebesparing (minder input energie en CO2 ten behoeve van de teelt, selectiever of niet meer belichten), investeringen in alternatieve bronnen en selectiever gebruik van energie (extensivering). Bedrijven met warmtekrachtkoppeling (wkk)2) slaagden erin, dankzij de mogelijkheid van elektriciteitsverkoop, de kostenstijging voor verwarming deels te compenseren, omdat de prijzen voor elektriciteit sneller stegen dan die voor aardgas.

Vooral bedrijven met belichting en winterproductie pasten vorig jaar hun teeltplan aan naar productie met het zwaartepunt in het tweede en derde kwartaal van 2023. Door de verschuiving van de productie naar de zomermaanden was een verwacht scenario dat de prijzen in de zomer zouden dalen, gezien de overvloedige producties. Desondanks is dit voor het merendeel van de gewassen dit jaar niet gebeurd.
Vanwege gunstigere teeltomstandigheden, lagere energiekosten en gunstige prijs-ontwikkelingen voor producten in het najaar, heeft de teelt dit najaar langer plaats-gevonden dan in 2022. De Nederlandse productie was dit najaar dan ook hoger dan vorig jaar. Hierdoor is de verminderde productie in het voorjaar, als gevolg van genomen teeltmaatregelen en een donkere, koude start van het jaar, enigszins gecompenseerd.

In de winter van 2022-2023 was er nauwelijks Nederlands product op de markt. Handelaren moesten hierdoor uitwijken naar buitenlands product. Hierdoor kwam de afzetmarkt voor Nederlandse glasgroenten onder druk te staan. Het is de vraag of deze verandering aan afzetmarkt weer hersteld kan worden. Het afzetmodel van Nederland, waar goede kwaliteit in combinatie met het jaarrond leveren op het afgesproken aflevermoment met de juiste specificaties, staat onder druk, met name voor tomaten. Met alle gevolgen voor opbrengsten, kosten, inkomen en werkgelegenheid.

Het areaal belichte groenteteelt (met name tomaten) is deze winter wel weer toegenomen ten opzichte van vorige winter, maar het heeft nog niet het niveau bereikt van vóór de energiecrisis.

Positief feit is dat groenten en fruit kunnen zich verheugen in groeiende belangstelling. Het besef van de waarde van groenten en fruit voor een gezonde en duurzame samenleving dringt steeds verder door. Ondanks deze vooruitgang blijven er voldoende uitdagingen voor de glasgroenteteelt over, waaronder zorgen over de arbeidsmarkt en inflatie:
  • De arbeidsmarkt herstelde zich geleidelijk, hoewel er uitdagingen waren bij het vervullen van vacatures, zeker ook in de groente- en fruitsector. De overheid bevorderde actief omscholing en vaardigheidsontwikkeling om werknemers aan te moedigen zich aan te passen aan veranderende economische behoeften.
  • De inflatie liep in 2022 op naar 10%. In 2021 was dit nog 2,7%. Over 2023 wordt een inflatie verwacht van 3,9% (bron: CBS). Met name de prijsontwikkeling van energie droeg hieraan bij. Een hoge inflatie leidt tot onzekerheid, hogere lasten, verminderde winstmarges en veranderend koopgedrag door consumenten, wat allemaal nadelig is voor ondernemers.

Volgens de CBS-Landbouwtelling is het areaal voor glasgroenten met 3% afgenomen. In 2022 hebben glastuinbouwbedrijven minder gas gebruikt, wat deels ten koste ging van de productie en effecten had tot begin 2023. Met de energie-investeringen en intensiveringsmaatregelen die zijn genomen, zoals isolatie, selectief gebruik van gas en CO2, actieve ontvochtiging en latere plantmethoden, lijkt het erop dat de glasgroentesector zich in 2023 en richting 2024 weer heeft weten aan te passen aan de nieuwe realiteit.

Dankzij alle inspanningen in 2022-2023 hebben ondernemers nadelige effecten van hoge kosten weten te beperken. Helaas is het gerealiseerde gemiddelde inkomen van circa 415.000 euro per onbetaalde arbeidsjaareenheid (oaje) niet voor alle glasgroenteondernemers haalbaar. Telers met minder modern uitgeruste bedrijven, die daardoor niet flexibel kunnen zijn in hun warmtevoorziening en te maken hebben met aflopende gascontracten zonder de mogelijkheid van alternatieve duurzame energievoorziening, bevinden zich nog altijd in zwaar weer en zullen dat naar verwachting ook in de nabije toekomst ervaren. Bedrijven die niet in concentratiegebieden zijn gevestigd om gezamenlijk de noodzakelijke verduurzaming te realiseren, zullen wellicht hun toekomst moeten heroverwegen, vooral gezien de onmogelijke financiering voor dergelijke ondernemingen.

Aanzienlijke stijging van de energieopbrengst en afnemende productopbrengst
De totale opbrengsten per gemiddeld glasgroentebedrijf zijn, naar het zich laat aanzien, licht gestegen, voornamelijk door een toename van de opbrengsten uit energieverkoop. Het verkoopvolume van glasgroente bleef echter achter ten opzichte van het vorige jaar. Gemiddeld genomen waren de verkoopprijzen van producten ook iets lager, wat resulteerde in een aanzienlijke daling van de opbrengst uit producten. De opbrengsten uit de verkoop van elektriciteit en warmte zijn aanzienlijk gestegen en compenseren daarmee de verminderde opbrengsten uit producten.

Spreiding blijft groot
Bij ongeveer 20% van de glasgroentebedrijven wordt verwacht dat het gemiddelde inkomen per jaar niet de grens van 13.000 euro zal overschrijden in 2023. Aan de bovenkant van het spectrum bereikt het inkomen van de best presterende 20% van de bedrijven 760.000 euro of meer per jaar. Het is duidelijk dat individuele bedrijven zich niet noodzakelijk zullen herkennen in het gemiddelde inkomen van het bedrijf. Wat wel opvalt, is dat de spreiding van inkomens, weergegeven door het groene vlak, aanzienlijk is uitgebreid, vooral aan de bovenkant. Bovendien bevindt de gemiddelde lijn zich relatief hoog in het groene vlak, wat aangeeft dat er proportioneel minder bedrijven zijn die meer verdienen dan het gemiddelde.

Samenstelling gemiddeld bedrijf elk jaar anders
De samenstelling van het gemiddelde bedrijf is door verschillende wegingsfactoren en de samenstelling van de steekproef elk jaar anders. Daarnaast speelt de verandering van de bedrijfsomvang ook een rol in de absolute waarden en veranderingen in opbrengsten en kosten. Zo daalde het gemiddelde glasgroentebedrijf dit jaar met een kleine 2% in omvang. De kosten per vierkante meter hebben soms een andere ontwikkeling dan die van het gemiddeld bedrijf. Afhankelijk van het geteelde gewas, afzetkanaal en eigen bedrijfsomstandigheden zullen individuele ondernemers zich in dit gemiddelde bedrijf al dan niet in kunnen herkennen.


*Het kengetal wordt uitgedrukt in euro per onbetaalde arbeidsjaareenheid (oaje), waarmee het gekoppeld wordt aan de hoeveelheid ingezette arbeid en het dus beter over bedrijven heen vergelijkbaar is. Het aantal aje dat niet-betaalde arbeid levert, zijn veelal ondernemers en leden van de huishoudens. 1 aje is minimaal 2000 gewerkte uren. 1 persoon kan maximaal 1 aje zijn, dus ook als een persoon 2.500 uren heeft gewerkt.


Kies een sector
Contactpersoon
Harold van der Meulen
0317-484436
 

Alles over
  • Algemeen
    >
  • Economie
    >
  • Maatschappij
    >
  • Milieu
    >
Referenties
1) Het kengetal wordt uitgedrukt in euro per onbetaalde arbeidsjaareenheid (oaje), waarmee het gekoppeld wordt aan de hoeveelheid ingezette arbeid en het dus beter over bedrijven heen vergelijkbaar is. Het aantal aje dat niet-betaalde arbeid levert, zijn veelal ondernemers en leden van de huishoudens. 1 aje is minimaal 2000 gewerkte uren. 1 persoon kan maximaal 1 aje zijn, dus ook als een persoon 2.500 uren heeft gewerkt.
2) Warmtekrachtkoppeling (wkk) staat voor het gelijktijdig opwekken van warmte en kracht (elektriciteit). De energie is afkomstig van een verbrandingsmotor of gasturbine en wordt meestal aangewend om een generator aan te drijven die op zijn beurt elektriciteit opwekt. De warmte die daarbij vrijkomt gaat niet verloren maar wordt in de glastuinbouw nuttig gebruikt voor de verwarming van kassen.



Meer informatie
Toelichting indicator
Thema omschrijving
Beleidsinformatie
Archief



naar boven