| Inkomen uit bedrijf - Snijbloementeelt |
Inkomen uit bedrijf beperkt afgenomen
|
15-12-2025
|
Het gemiddeld inkomen uit bedrijf per onbetaalde arbeidskracht wordt voor 2025 geraamd op ruim 370.000 euro. Dit is een beperkte afname van circa 15.000 euro. Het nu geraamde inkomen ligt bijna 110.000 euro boven het gemiddelde van 2020-2024.
|
Na een sterke toename van het inkomen per onbetaalde arbeidsjaareenheid (oaje) in 2024, wordt nu dus een kleine daling verwacht. De spreiding in het inkomen is zoals elk jaar echter groot, maar lijkt in 2025 iets kleiner te zijn geworden (zie figuur). Boven en onder dit groene vlak bevinden zich elk nog 20% van de bedrijven. Voor 20% van de bedrijven wordt een inkomen per onbetaalde aje geraamd van minder dan ongeveer 42.000 euro, terwijl voor een even zo grote groep bedrijven een inkomen wordt geraamd van boven de 492.000 euro.
Het inkomen neemt voor een gemiddeld snijbloemenbedrijf naar verwachting wat af door een sterkere toename van de betaalde kosten en afschrijvingen (circa 11%) ten opzichte van de opbrengsten (circa 8%). Hoewel er geen groei van het gemiddelde bedrijf is ingerekend, veranderde het gemiddelde bedrijf wel van samenstelling en is mede daardoor ook veranderd qua kosten en opbrengsten, naast uiteraard ontwikkelingen in prijzen en volumes van kosten en opbrengsten.
Een uitgebreidere toelichting op opbrengsten en kosten vindt u via de aangegeven links. In het kort zijn de opbrengsten toegenomen door gestegen opbrengsten uit de verkoop van bloemen. Een gemiddeld bedrijf heeft opbrengsten uit verschillende bloemsoorten. Zo namen de opbrengsten uit chrysanten toe, terwijl die van rozen afnamen. Ook de opbrengsten uit de verkoop van energie namen nog iets toe. Daarnaast werden de inkomsten uit de verkoop van bloembollen (ingedeeld bij overige opbrengsten) sterk hoger, de opbrengsten uit snijtulpen (eventueel via de broei) worden meegenomen bij overige bloemen.
In 2025 stegen de kosten echter harder dan de opbrengsten. Vooral de zaai- en pootgoedkosten, die samen met andere kosten tot de toegerekende kosten behoren, namen toe. Dit is deels veroorzaakt door toenemende kosten van uitgangmateriaal voor de bollenteelt, dat dit jaar sterker vertegenwoordigd is in de steekproef, naast de autonome stijging van inkoopkosten voor uitgangsmateriaal. De kosten voor betaalde arbeid, werk door derden en energie namen in gelijke mate toe (10%), materiƫle activa zaten daar wat onder (circa 9%).
|