| Opbrengsten - Melkveehouderij |
Opbrengsten melkveehouderij gestegen
|
15-12-2025
|
De totale opbrengsten op bedrijfsniveau voor de melkveehouderij worden in 2025 geraamd op gemiddeld 774.000 euro. Dit is een stijging van 17% ten opzichte van 2024. De melkopbrengsten dragen 77.000 euro en de verkopen van het vee 36.000 euro bij aan de totale toename van 113.000 euro. De grasopbrengsten zullen naar verwachting gemiddeld 5% lager zijn dan vorig jaar vanwege het droog verlopen groeiseizoen in sommige gebieden van Nederland. Er viel vooral in het zuiden en zuidwesten weinig neerslag. Door het zonnige weer was de voederwaarde van het gras hoger. De snijmaisvoorraad is hoger geraamd door flink hogere hectareopbrengsten volgens de voorlopige CBS-oogstraming. Doordat het gemiddeld aantal melkkoeien per bedrijf met 3,5% en de melkproductie per koe met 1% toenemen, stijgt de hoeveelheid melk per bedrijf met 4,5%. Samen met de hogere melkprijs zorgt dit ervoor dat de melkopbrengst is toegenomen met 14%. De prijzen voor nuchtere kalveren (stier en vaars) zijn in 2025 gestegen (+166%), evenals die van de slachtkoeien (+42%). De totale omzet en aanwas neemt hierdoor met 33.000 euro toe. Blauwtong heeft effect gehad op de vruchtbaarheid van de koeien. Hierdoor is de melkpiek later in het jaar opgetreden.
|
Zuivelnoteringen De Nederlandse zuivelnoteringen piekten in november en december 2024, met een 84% hogere boternotering ten opzichte van het dieptepunt in september 2023. Dit jaar daalden de zuivelnoteringen tot eind februari met een opleving tot begin juni. Daarna daalden de noteringen opnieuw. Per saldo zijn ze met 25% voor melkpoeder en 32% voor boter gedaald ten opzichte van het begin van 2025. Omdat ongeveer de helft van de Nederlandse melk tot kaas wordt verwerkt, is de prijsontwikkeling hiervan belangrijk. De EU-kaasprijs steeg in 2024 met 15%. In 2025 is de kaasprijs met 10% gedaald. Hiermee daalde deze dus minder dan de zuivelnoteringen, maar is een groot deel van de stijging in 2024 ongedaan gemaakt. De volatiliteit in de internationale zuivelmarkt is groot. Dit wordt goed weerspiegeld in de Global Dairy Trade prijsindex. De Global Dairy Trade-index steeg sinds het dieptepunt in augustus 2023 tot begin mei 2025. Daarna is deze tot medio november met 18% gedaald. De Italiaanse spotprijs steeg tot halverwege mei 2025 naar 68 euro per 100 kg. Daarna is deze met een kwart gedaald. De Nederlandse spotprijs bleef het eerste halfjaar van 2025 per saldo stabiel op ruim 50 euro, maar is inmiddels gedaald met een derde tot 32 euro per 100 kg. Daarbij moet wel worden opgemerkt dat deze spotprijzen maar op een klein deel van de melk betrekking hebben.
Melkaanvoer In 2025 zal de melkaanvoer in Nederland naar verwachting bijna 1,5% hoger uitkomen (gecorrigeerd voor de schrikkeldag is dit +1,7%). In het eerste halfjaar was de melkproductie lager dan in de eerste helft van 2024, maar liep daarna op tot bijna 8% hoger in de maand oktober. Voor de resterende maanden wordt een 7% hogere melkaanvoer geraamd. De stijging van de melkaanvoer komt waarschijnlijk doordat er nauwelijks blauwtong onder de runderen is waargenomen in 2025, terwijl een groot deel van de melkveebedrijven in 2024 hiermee besmet was. De Europese melkproductie was tot en met september 2025 0,8% hoger dan het jaar daarvoor (gecorrigeerd voor de schrikkeldag) en liet hiermee een positiever beeld zien dan in Nederland over die periode (+0,5%). Binnen Europa neemt, naast Nederland, alleen in Ierland en Polen de melkproductie toe. In de meeste andere belangrijke zuivelproducerende landen buiten Europa is het beeld van de melkproductie gemengd. In Argentiniƫ neemt de melkproductie toe met ruim 11%; In Australiƫ neemt deze af met 2,7%. Nieuw-Zeeland en de VS produceren circa 1% meer melk.
Handel in zuivelproducten In Nederland wordt de meeste melk tot kaas verwerkt. Over de eerste 6 maanden van 2025 nam de wereldhandel in kaas met 6,1% toe. De belangrijkste exporteurs van kaas op de wereldmarkt (met tussen haakjes de toe- of afname van hun export) zijn EU-27 (+1%), VS (+11%), Nieuw-Zeeland (+25%), het VK (0%) en Australiƫ (+3%). Voor de volle en magere melkpoeders nam de export op de wereldmarkt met respectievelijk 4,6% en 3,5% af, waar Nieuw-Zeeland en de VS (alleen voor magere melkpoeder) een groot aandeel in hebben. Omdat Nieuw-Zeeland een groot aandeel heeft in de wereldhandel, dragen de veranderingen in de exportstromen van dat land substantieel bij aan het volume van de wereldhandel en kunnen ze daardoor een sterke invloed op de prijs hebben. Voor Nieuw-Zeeland nam de export van volle melkpoeder met 6% af; die van de magere melkpoeder nam met 6% af. Over de eerste 6 maanden van 2025 was de bijdrage van de EU-27 en de VS aan de wereldhandel voor magere melkpoeder verschillend met respectievelijk een toename van 3% en een afname van 12%. Voor Australiƫ was er ook een afname van 12%. Voor boter nam de totale export toe met 15%; de (meest bepalende) Nieuw-Zeelandse export nam toe met 12% en die van de EU-27 nam met 3% af.
Prijzen De gemiddelde fabrieksprijs voor melk neemt in 2025 naar verwachting met 9% toe ten opzichte van 2024 en komt uit op 56 euro per 100 kilogram, inclusief nabetaling en toeslagen. Hiermee is de melkprijs gemiddeld 4,5 euro per 100 kg hoger dan een jaar eerder. Oorzaak van de hoge melkprijs in de eerste 9 maanden van het jaar was de wereldwijde daling van het melkaanbod (onder andere in Nieuw-Zeeland, de EU en de VS). Door de hoge melkprijs en het goede weer in andere delen van de wereld trok de melkproductie aan, met een prijsdaling tot gevolg. Ook in Europa trok de melkproductie in de loop van het jaar aan door de verlate melkpiek vanwege blauwtong. De nabetaling is geraamd op 1,75 euro per 100 kg. De prijzen voor nuchtere kalveren (stier en vaars) zijn in 2025 explosief gestegen (+166%), evenals die van de slachtkoeien (+42%). De prijzen van nuchtere stierkalveren en slachtkoeien liggen in 2025 respectievelijk 270% en 58% boven het gemiddelde van de periode 2020-2024.
Biologische melkprijs versus gangbaar De prijs voor biologische melk wordt in 2025 geraamd op bijna 68 euro per 100 kilogram melk, inclusief nabetaling. Dit is 7 euro hoger dan in 2024. Sinds 2013 is de biologische melkprijs losgekoppeld van de gangbare melkprijs. Beide prijzen bewegen sindsdien onafhankelijk van elkaar. Vooral in 2016 was het verschil groot: gemiddeld ruim 20 eurocent per kilogram melk. Dit kwam vooral door de lage gangbare melkprijs terwijl het verschil in 2022 5 eurocent per kg was, mede door de hoge gangbare prijs. In 2025 wordt een plus op de biologische melkprijs ten opzichte van de gangbare melkprijs van bijna 12 eurocent per kilogram melk ingeschat. Over de periode 2020-2024 lag de melkprijs op de biologische melkveebedrijven gemiddeld 10,4 eurocent hoger; in 2025 is dit verschil iets hoger. De oorzaak ligt mede in de sterk gedaalde gangbare melkprijs in het laatste kwartaal, terwijl die van de biologische melk nog iets stijgt.
|