Mijn agrimatie
v

Agrimatie - informatie over de agrosector

Agrimatie > Thema's > Keten in beeld
     
Keten in beeld
Kies een indicator
Structuur van de keten - Vleeskalverhouderij

De Nederlandse kalfsvleesketen
11-12-2023

De Nederlandse kalversector was in 2022 met een aandeel van 33% van het aantal geslachte dieren (1.427.850 stuks) en 35% van het totale volume (219.820 ton), de grootste producent van kalfsvlees in Europa, gevolgd door Frankrijk (26%, 160.130 ton). Met Italië, Duitsland en België erbij zijn deze vijf landen goed voor 89% van de totale kalfsvleesproductie in Europa (EC, 2022). De toegevoegde waarde ligt rond de 1,8 miljard euro en de werkgelegenheid ligt rond de 17.000 arbeidsjaren.

Aantallen dieren en bedrijven
In 2022 zijn er circa 939.000 plaatsen voor vleeskalveren op 1.620 bedrijven in Nederland (zie figuur) (CBS, 2022).

Kalveren die in de Nederlandse melkveehouderij worden geboren en niet worden aangehouden als nieuwe aanwas, worden ingezet als vleeskalf (vrijwel alle mannelijke dieren en een deel van de vrouwelijke dieren). Deze kalveren blijven ten minste 14 dagen (meestal in individuele hokken) op het geboortebedrijf en worden vervolgens met leeftijdgenoten op gespecialiseerde vleeskalverbedrijven geplaatst. In de Nederlandse kalversector worden zowel blankvleeskalveren als rosékalveren gehouden. Blankvleeskalveren (met een gemiddelde leeftijd bij het slachten van 25 weken) hebben een levend eindgewicht van 225 kg; jonge rosékalveren (een gemiddelde leeftijd bij het slachten van 30 weken) een levend eindgewicht van 300 kg, oude rosékalveren (een gemiddelde leeftijd bij het slachten van 40 weken) een levend eindgewicht van 360 kg.

Op de vleeskalverbedrijven worden per jaar tussen de 1,6 en 1,8 mln. kalveren per jaar opgezet. De kalveren op deze bedrijven zijn niet alleen afkomstig van Nederlandse melkveebedrijven, ongeveer de helft is afkomstig uit het buitenland. Van de 811.653 vleeskalveren die in 2022 werden geïmporteerd, was 71% afkomstig uit Duitsland, 12% uit Ierland en 6% uit Denemarken. In vergelijking met 2010 is het percentage kalveren vanuit Oost-Europa (inclusief Letland, Estland en Litouwen) sterk afgenomen van 36% in 2010 naar 6% in 2022 (RVO, 2022). Het grootste deel van de (blank) kalfsvleesproductie wordt geëxporteerd. Deze export vindt vooral plaats naar Frankrijk en Italië, export naar nieuwe derde landen komt de laatste jaren op gang.

Kalverprijzen en prijzen van kalfsvlees
Tijdens de Coronacrisis zijn de kalverprijzen en de prijzen van kalfsvlees sterk gedaald mede door het wegvallen van de verkoop aan restaurants in Nederland maar vooral ook in de belangrijkste bestemmingen voor kalfsvlees, Frankrijk en Italië. In 2021 was er sprake van beperkt/ goed/ herstel van de afzetmogelijkheden en de prijzen van kalfsvlees. Daarmee samenhangend zijn de prijzen van de Nuka’s meegestegen en waren €25 hoger/lager dan het jaar er voor.


Waardeketens/Integraties
Het Nederlandse vleeskalvercomplex wordt gekenmerkt door een sterk integratiemodel binnen de keten. Daarmee zijn veel facetten van de totale productieketen aan elkaar gekoppeld. Onderdelen van deze keten zijn: het verzamelen en sorteren van nuchtere kalveren (in binnen- en buitenland), het opzetten bij kalvermesters, de technische en veterinaire begeleiding, de productie van de voeders, het transport zowel van nuchtere kalveren als ook van slachtrijpe dieren, het slachten, het verwerken van de huiden en de vleesversnijding tot consumentenverpakking. Het grootste deel van de kalveren in Nederland wordt geproduceerd door drie integraties: de VanDrie Groep, Denkavit en de Pali Groep.Daarnaast zijn er nog een aantal kleinere integraties of veehandelaren die contracten met vleeskalverhouders hebben. Deze drie grote integraties beheren meerdere schakels van de uitgebreide productieketen. De integratie is dan contractgever, eigenaar van het kalf en levert ook het voer. De kalverhouder levert de huisvesting en de arbeid. De contractprijzen waren in 2022 gemiddeld 215 euro per kalverplaats. De kalverhouders met contract hebben over de jaren een redelijk stabiel inkomen van gemiddeld circa 40.000 euro per onbetaalde arbeidsjaareenheid. Rosékalveren worden meestal voor eigen risico van de boer gehouden.Voor rosékalverbedrijven zijn geen gegevens beschikbaar in het Bedrijveninformatienet.

De VanDrie Groep heeft zich ontwikkeld tot een internationale geïntegreerde keten van bedrijven. De bedrijven die binnen de keten actief zijn, zijn als volgt in te delen: kalverhouderijen (in Nederland, België, Frankrijk en Italië), kalvervoeders (Nederland en Italië), zuivelgrondstoffen (Nederland, Duitsland en Italië), kalverslachterijen (Nederland en Frankrijk), runderslachterijen (Nederland), kalfsvellen en een voorlichtingsorganisatie voor de promotie van kalfsvlees. Denkavit is een internationale speler met de nadruk op de productie en verkoop van voeding voor jonge dieren (Nederland, Frankrijk, Duitsland, Italië, Spanje en de Verenigde Staten); daarnaast heeft het bedrijf in Nederland ook kalverhouderijen onder contract. De Paligroep is actief in de schakels: het kalverhouderijbedrijf, het slachten en uitbenen en de verkoop. Deze activiteiten spelen zich vooral af in Nederland.

Sterkten en zwakten van de kalverketen
Het vleeskalvercomplex wordt beoordeeld als een cluster dat betekenisvol is voor de Nederlandse economie (toegevoegde waarde, werkgelegenheid, betalingsbalans), competitief maar beperkt innovatief is, waarbij de legitimiteit in de samenleving sterk onder druk staat (dierenwelzijn) en sprake is van een sterke exportafhankelijkheid (90-95% van het geproduceerde kalfsvlees wordt geëxporteerd).

Rond dierenwelzijn spelen verschillende onderwerpen. Vanuit andere lidstaten wordt een groot aantal kalveren naar Nederland gehaald om hier te worden afgemest. Ongeveer de helft van de kalveren in de Nederlandse vleeskalverhouderij komt uit het buitenland. Wel worden de laatste jaren steeds meer kalveren vanuit omliggende lidstaten gehaald en daalt het aantal kalveren die over een langere afstand vervoerd zijn. Transportduur van kalveren die niet uit direct omliggende landen komen kan oplopen tot meer dan 24 uur. Mede door vaak gebrekkige voorzieningen om dieren te voeden kan dit gepaard gaan met verminderd dierenwelzijn (Marcato, 2021). Er is dan ook veel druk vanuit politiek en samenleving om het lange afstand transport van jonge kalveren aan banden te leggen. Naast de duur van het transport is ook de leeftijd van de kalveren een punt van discussie. De Tweede Kamer heeft in december 2022 een motie aangenomen die de regering verzoekt om de mogelijkheden te onderzoeken om in navolging van Duitsland, ook in Nederland de minimumleeftijd bij transport voor kalveren te verhogen van minimaal 14 dagen naar minimaal 28 dagen.

Diergezondheid
Uitdagingen op het gebied van diergezondheid en dan met name longaandoeningen resulteren in een relatief hoog antibioticagebruik in de vleeskalverhouderij. Het grote aantal herkomstbedrijven speelt hier bij een rol. Maar ook de leeftijd van de dieren tijdens transport, omstandigheden van de dieren tijdens het herkomstbedrijf, transport en mengen van verschillende herkomsten en soms een laag geboortegewicht hebben allemaal hun effect op het antibioticagebruik. Binnen alle diercategorieën in de kalversector zijn er nog grote verschillen tussen bedrijven in het antibioticumgebruik. Over de periode 2015-2020 was een gestage afname van het gebruik zichtbaar in de vleeskalverhouderij. In 2021 werd deze daling niet doorgezet en in 2022 zien we een lichte stijging (5,6%). Deze stijging wordt voornamelijk veroorzaakt door bedrijven met rosévlees. Een sectorbrede aanpak blijft noodzakelijk om ook op deze bedrijven het gebruik te verlagen (AD, 2023). Er zijn hiertoe door de kalversector initiatieven genomen, zoals Vitaal kalf (de kwaliteitsregeling van de Nederlandse kalversector), waarin de gehele keten is opgenomen. Deze regeling kent (bovenwettelijke) voorschriften over de kwaliteit en gezondheid van het jonge kalf, de huisvesting, voer- en drinkwaterkwaliteit, bedrijfsinrichting en hygiëne (https://www.kalversector.nl/vitaal-kalf/).

Stikstof
De maatregelen die getroffen gaan worden om de stikstofcrisis te beheersen zullen niet aan de kalversector voorbijgaan. De sterke concentratie van de bedrijven in de Gelderse Vallei in de nabijheid van Natura 2000-gebieden beperkt ontwikkelingsmogelijkheden van bestaande bedrijven. Het is op het ogenblik nog onduidelijk wat de gevolgen voor de vleeskalverbedrijven zullen zijn van deze maatregelen.







Kies een sector
Contactpersoon
Harold van der Meulen
0317-484436
 

Alles over
  • Algemeen
    >
  • Economie
    >
  • Maatschappij
    >
  • Milieu
    >
Referenties
Bronnen:
AD (Autoriteit Diergeneesmiddelen) (2023). 

CBS (2022). CBS stat line: https://opendata.cbs.nl//CBS/nl/ landbouwtelling 2022

EC (European Commission) (2022). https://ec.europa.eu/eurostat/databrowser/view/APRO_MT_PANN/default/table?lang=en

Marcato, F. (2021). A journey to improve robustness of veal calves [PhD thesis], Wageningen

RVO (2022). RVO Import Export kalveren. https://www.rvo.nl/onderwerpen/internationaal-ondernemen/handel-planten-dieren-producten/marktinformatie/statistieken

SKV (Stichting Kwaliteitsgarantie Vleeskalversector) (2023). Jaarverslag 2021


Meer informatie
Toelichting indicator
Thema omschrijving
Beleidsinformatie
Archief



naar boven