Mijn agrimatie
v

Agrimatie - informatie over de agrosector

Agrimatie > Themes > Voedselprijzen
     
Voedselprijzen
Select an indicator
Actuele voedselprijzen - Zuivel

Consumentenprijs zuivel verder omhoog
9/2/2021

De consumentenprijsindex van zuivel is in mei 2021 verder gestegen naar 113 punten (2015 =100), een punt hoger dan in dezelfde periode in 2020. Van alle afzonderlijke zuivelproducten als houdbare melk, yoghurt, kaas en kwark is alleen verse melk in de maanden april en mei niet in prijs gestegen. De producentenprijsindex voor zuivel staat in mei 2021 op een recordhoogte van 126 punten, tien punten hoger dan in dezelfde periode in 2020. De prijsindex af boerderij is doorgestegen naar 108 punten. De verwachte dalingen van prijzen af boerderij en van de zuivelproducten, die bij een normaal seizoenspatroon passen, hebben in het voorjaar nauwelijks plaatsgevonden.


  

Consumentenprijzen
De consumentenprijsindex (CPI) van zuivel is in mei 2021 gestegen naar 113 punten (2015=100). Dat is een punt hoger dan in maart en vergelijkbaar met het niveau van dezelfde periode in 2020. Verse halfvolle en magere melk zijn in mei nauwelijks in prijs veranderd. Andere afzonderlijke zuivelproducten als houdbare melk, yoghurt, kaas en kwark hebben wel bijgedragen aan de stijging van de CPI in mei.

Prijzen zuivelindustrie en af boerderij
De producentenprijsindex voor zuivel (PPI) is in mei 2021 eveneens verder gestegen. De PPI staat op een recordhoogte van 126 punten. Dit niveau is tien punten hoger dan het niveau rond dezelfde periode in het voorgaande jaar. Dit komt vooral door de prijzen van producten op de Nederlandse markt. Deze zijn gemiddeld harder gestegen dan de prijzen voor producten die in het buitenland worden afgezet.

De prijsindex af boerderij is in mei 2021 uitgekomen op 108 punten, zeven punten hoger dan in maart. Met deze stijging in de eerste maanden van 2021 heeft de seizoensgebonden prijsdaling definitief niet ingezet. Prijsdalingen in het voorjaar komen door een hoger aanbod van rauwe melk richting de zomer. In het najaar en winter daalt het aanbod en gaan de prijzen doorgaans omhoog. Het jaargemiddelde van de prijsindex af boerderij ligt in mei nog 5% onder het gemiddelde prijsniveau van dezelfde periode in 2020, en ook onder het niveau in de jaren 2019 en 2018.



Vanaf de eerste maanden van 2020 hebben veel landen ingrijpende maatregelen genomen ter voorkoming van de verspreiding van het coronavirus. Deze maatregelen hadden een grote impact op de wereldzuivelmarkt. Er ontstonden operationele beperkingen in de hele keten, wat de logistiek heeft bemoeilijkt. De importerende landen als China zijn sinds de uitbraak van de pandemie minder zuivel gaan kopen. De exporterende landen als Nederland kregen hierdoor te maken met overschotten van zuivelgrondstoffen, waardoor melkprijzen onder druk kwamen te staan. Daarnaast heeft politieke en economische situatie in een aantal landen, zoals Hongkong en Nigeria, voor extra problemen met afzet in 2020 gezorgd. In Nederland daalde de afzet van zuivel naar de foodservicesector flink door de sluiting van de horeca tussen maart en juni, en vanaf oktober 2020. Tegelijkertijd was er een hogere afzet van producten via de retail. De verwachting is dat in de tweede helft van 2021 de normalisering van de markt plaatsvindt, als de coronamaatregelen grotendeels teruggedraaid zijn.

De coronacrisis brak uit in de periode dat de wereldzuivelmarkt relatief gunstig leek te zijn voor de zuivelproducerende landen. Na de lage prijzen door de structurele zuiveloverschotten wereldwijd in 2015-2016 kantelde de marktsituatie in de tweede helft van 2016. De snel aantrekkende vraag naar zuivel op de Aziatische markten had de prijzen snel omhooggedreven. Vanaf 2017 was de stijging van de mondiale vraag groter dan het aanbod. De langetermijnverwachting in de Europese Unie is, aansluitend op de OECD en FAO (Agriculture Outlook), dat de zuivelmarkt in de komende jaren zal groeien en dat de EU bijna 30% van de toenemende wereldvraag voor haar rekening zal nemen.

Keten
Het merendeel van de zuivelproducten wordt door consumenten in Nederland in het supermarktkanaal gekocht. Supermarkten kopen melk en zuivelproducten van de zuivelindustrie, die daarnaast ook een aanzienlijk deel exporteert. Ook wordt consumentenzuivel geïmporteerd. De Nederlandse industrie wordt nagenoeg volledig beleverd door de Nederlandse melkveehouders. Er vindt nauwelijks import van rauwe melk plaats.

Melkveehouderij
In 2020 waren er in Nederland circa 15,7 duizend bedrijven met melk- en kalfkoeien, die gezamenlijk bijna 14 miljard kg melk afleveren aan de Nederlandse zuivelindustrie; een relatief klein deel wordt achtergehouden op boerderijen en daar verwerkt (op basis van cijfers van het CBS).

Industrie
In 2019 telde de Nederlandse zuivelindustrie 25 ondernemingen die in totaal 53 productielocaties hebben met een capaciteit groter dan 10 miljoen kg (ZuivelNL). Ongeveer 90% van de gecollecteerde melk wordt verwerkt door vijf coöperaties. Het overgrote deel van de rauwe melk wordt verwerkt in kaas (56%) en melkpoeder (15%). Circa 7% rauwe melk gaat naar consumptiemelk(producten).

Afzet
De Nederlandse zuivelsector is internationaal georiënteerd: het saldo van de handelsbalans bedraagt 4,0 miljard euro, ofwel circa de helft van de productiewaarde. Een derde van de productie blijft in Nederland, 40% wordt binnen de EU afgezet. Een kwart van de productie verlaat de EU, waarbij China, Zuid-Korea en Japan de drie belangrijkste afzetlanden zijn buiten de EU (ZuivelNL).

De Nederlandse afzetmarkt is overzichtelijker dan de wereldmarkten als het gaat om de opererende zuivelaanbieders en afnemende partijen. Vóór de coronacrisis werd driekwart van de zuivelproducten in Nederland via de retail verkocht en een kwart via de horeca en andere kanalen. Het totaal aan consumentenbestedingen aan zuivel in alle verkoopkanalen voor voedsel in Nederland wordt geraamd op ongeveer 7 miljard euro in 2019 (op basis van de Monitor Duurzaam Voedsel 2020). Op de Nederlandse retailmarkt zijn de inkooporganisaties van supermarkten Ahold Delhaize (35% marktaandeel), Jumbo (21% marktaandeel) en Superunie (27% gezamenlijk marktaandeel van aangesloten winkelformules) de belangrijkste afzetpartijen voor de zuivelindustrie. Naast de Nederlandse zuivelondernemingen richt zich een aantal vooral grotere Europese zuivelondernemingen op de Nederlandse consument. Het aandeel van deze ondernemingen is relatief klein door een groot competitief voordeel van de Nederlandse ondernemingen.

Op de internationale markten, en met name buiten de EU, zijn zuivelgroothandels (intermediairs) belangrijke afzetpartijen. Zuivelondernemingen uit Nieuw-Zeeland en Australië, Noord-Amerika, andere zuivelondernemingen uit Europa en lokale zuivelondernemingen opereren vaak tegelijkertijd in dezelfde landen als de Nederlandse zuivelondernemingen.

Prijsvorming
In de zomermaanden is er een groter aanbod van melk dan in de wintermaanden. Met toeslagen en heffingen worden boeren aangemoedigd om meer in de winter te leveren. De omvang van de productie is tot april 2015 beperkt geweest door de quotering in het kader van het EU-zuivelbeleid. Per 1 april 2015 zijn de quota komen te vervallen. De prijsondersteuning vanuit het Europees landbouwbeleid is al eerder grotendeels vervangen door directe betalingen.

De prijs die de melkveehouder ontvangt, bestaat uit een aantal componenten. In het geval van FrieslandCampina is het een garantieprijs, de jaarlijkse prestatietoeslag en de uitgifte van ledenobligaties-vast. Melkveehouders die niet aangesloten zijn bij een coöperatie, leveren melk op basis van contracten met de particuliere zuivelindustrie. Vaak wordt de melkprijs van de coöperaties gebruikt als een referentie. Het resultaat van de Nederlandse zuivelondernemingen is afhankelijk van hun prestatie op de binnenlandse en buitenlandse markten. Prijsontwikkelingen in binnen- en buitenland sluiten niet altijd op elkaar aan door verschillen in marktdynamiek.

Zuivelondernemingen en (Nederlandse) supermarkten spreken in bilaterale contractonderhandelingen de voorwaarden en de prijs van leveringen af, onder eigen merk of het huismerk. Contactuele leveringsduur kan maanden en soms zelfs jaren vaststaan. Maar incidentele verkopen komen ook voor. In tegenstelling tot de wereldmarkten hebben zuivelondernemingen en hun afnemers in Nederland vaker een vaste leveringsrelatie.


Kies een keten
Contactpersoon
Huib Silvis
070-3358168
 

Alles over
  • Algemeen
    >
  • Economie
    >
  • Maatschappij
    >
  • Milieu
    >
Referenties
• Gegevens over de PPI 2012-heden van CBS Statline (Indices van laatste 5 maanden zijn voorlopige gegevens).
• Gegevens over de gebruikte PPI 2005-2012 van CBS Statline.
• Gegevens over de gebruikte CPI 2000-heden van CBS-Statline (indices van de laatste maand zijn voorlopige gegevens).


Meer informatie
Toelichting indicator
Thema omschrijving
Beleidsinformatie
Archief



Top of page