Gewasopbrengsten op akkerbouwbedrijven

Laatste update: 17 december 2024 Update frequentie: Jaarlijks

Lagere gewasopbrengsten in 2023, met name in de Kleiregio

In Kleiregio zien akkerbouwbedrijven binnen het Landelijk Meetnet effecten Mestbeleid (LMM) in 2023 voor alle gewassen lagere gewasopbrengsten terug ten opzichte van 2022, als ook het vijfjarig gemiddelde (2018-2022). Ook in de Zand- en Lössregio zijn voor veel gewassen lagere opbrengsten gehaald. 2023 kent een nat najaar. In oktober en november viel er twee keer zoveel neerslag als normaal. Dit heeft ervoor gezorgd dat veel gewassen niet geoogst konden worden.

Consumptieaardappelen

Grafiek wordt geladen...
In alle regio’s is de opbrengst van consumptieaardappelen gedaald in 2023 ten opzichte van het voorgaande jaar. Het jaar 2023 betreft voorlopige cijfers.

Pootaardappelen

Grafiek wordt geladen...
In de Kleiregio is de opbrengst van pootaardappelen gedaald in 2023, terwijl deze in de Lössregio hoger was dan in 2022. In de Zandregio was de opbrengst vergelijkbaar met het voorgaande jaar. Het jaar 2023 betreft voorlopige cijfers.

Zetmeelaardappelen

Grafiek wordt geladen...
De gewasopbrengst van zetmeelaardappelen is de laatste jaren vrij stabiel. Het jaar 2023 betreft voorlopige cijfers.

Suikerbieten

Grafiek wordt geladen...
In de Kleiregio is de opbrengst van suikerbieten in 2023 gedaald ten opzichte van 2022, terwijl in de Löss- en Zandregio juist een stijging zichtbaar is. Het jaar 2023 betreft voorlopige cijfers.

Uien

Grafiek wordt geladen...
In de Lössregio is de opbrengst van uiten toegenomen in 2022. In de Kleiregio was deze vergelijkbaar met 2022, terwijl in de Zandregio een daling te zien is. Het jaar 2023 betreft voorlopige cijfers.

Wintertarwe

Grafiek wordt geladen...
In alle regio’s is de opbrengst van wintertarwe gedaald ten opzichte van 2022. In de Lössregio is deze daling minimaal, terwijl in de Klei- en Zandregio een grotere daling zichtbaar is. Het jaar 2023 betreft voorlopige cijfers.

Zomergerst

Grafiek wordt geladen...
In alle regio’s is een flinke daling in de opbrengst van zomergerst zichtbaar ten opzichte 2022. Het jaar 2023 betreft voorlopige cijfers.

In alle regio's is de opbrengst van consumptieaardappelen lager: met name in de Klei- en Zandregio is een flinke daling van 14% zichtbaar ten opzichte van 2022. Ook de opbrengst van pootaardappelen is in de Kleiregio is 8% lager ten opzichte van 2022. Terwijl in de Lössregio juist een stijging van 17% zichtbaar is voor consumptieaardappelen. Zetmeelaardappelen worden alleen in de Zandregio geteeld, en hiervan is de opbrengst vergelijkbaar met 2022.

De Kleiregio is in 2023 de enige regio waar de opbrengst van suikerbieten lager is (-5% ten opzichte van 2022). In de andere regio's is juist een stijging te zien (+8% en +3% ten opzichte van 2022 in de Löss- en Zandregio respectievelijk). Echter, nog steeds is de absolute opbrengst in de Kleiregio nog steeds iets hoger dan in de Zand- en Lössregio.

De uienopbrengst is in zowel de Klei-, als Zandregio 13% lager dan in 2022. In vergelijking met de vijf voorgaande jaren (2018-2022) is het een daling van 6% in de Kleiregio en 5% in de Zandregio.

In zowel de Klei- als Zandregio is een flinke afname in opbrengst van wintertarwe te zien in 2023 (-11% en -24% ten opzichte van 2022). In de Lössregio is stijging van 3% zichtbaar ten opzichte van 2022.
Voor zomergerst was 2023 in voor zowel de Klei- als Zandregio een slecht jaar. In de Zandregio is de gewasopbrengst 15% lager dan in 2022, en 18% lager dan in 2018-2022. Ook in de Kleiregio zien we een daling van 18% ten opzichte van 2022 en 24% ten opzichte van 2018-2022.

Over de indicator

Deze indicator beschrijft de gemiddelde kg-opbrengsten van akkerbouwgewassen. Om deze te berekenen is de volgende methode gebruikt:
  • Er zijn gegevens gebruikt van bedrijven die aan het LMM deelnemen. Om voor alle gewassen voldoende waarnemingen te krijgen zijn zowel bedrijven van het LMM-meetnet als andere bedrijven in het Bedrijveninformatienet van Wageningen Social & Economic Research gebruikt.
  • Gegevens van alle bedrijfstypen zijn gebruikt, dus bijvoorbeeld ook de teelt van suikerbieten op melkveebedrijven.
  • Gegevens van bedrijven met een biologische bedrijfsvoering zijn achterwege gelaten.
  • De grondsoortindeling is gebaseerd op de belangrijkste grondsoort op het deelnemende bedrijf, ongeacht de grondsoortregio, waarin dit bedrijf ligt.
  • Er zijn geen gemiddelden gegeven als het minder dan 7 bedrijven betreft.
  • De gemiddelden betreffen zogenaamde 'gewogen' gemiddelden. Dat wil zeggen dat bij de berekening van de gemiddelden rekening is gehouden met de oppervlakte van de teelt op bedrijfsniveau en met het aantal bedrijven dat door het steekproefbedrijf wordt vertegenwoordigd.


Bron en getoonde groep bedrijven

De gegevens voor beide indicatoren zijn afkomstig uit het Bedrijveninformatienet van Wageningen Social & Economic Research. Binnen het Bedrijveninformatienet verzamelt Wageningen Social & Economic Research bedrijfsgegevens over ongeveer 1.500 individuele land- en tuinbouwbedrijven. De verzamelde gegevens betreffen vooral financieel-economische en duurzaamheidsgegevens.

Alleen bedrijven in het Bedrijveninformatienet die binnen de definitie van het Landelijk Meetnet effecten Mestbeleid (LMM) vallen, worden getoond. Voor de bedrijven geldt dat ze minimaal 25.000 euro Standaardopbrengst hebben en 10 of meer ha cultuurgrond gebruiken.