Opbrengsten van akkerbouwgewassen
Laatste update: 18 december 2025 Update frequentie: Jaarlijks
Bedrijven op kleigrond binnen het Landelijk Meetnet effecten Mestbeleid (LMM) realiseren in 2024 voor sommige akkerbouwgewassen lagere gewasopbrengsten per ha ten opzichte van 2023. Ook op zand- en lössgrond zijn voor een deel van de akkerbouwgewassen lagere opbrengsten gehaald. Dat geldt met name voor suikerbieten, daar daalde de opbrengst per ha in alle regio’s sterk . Het jaar 2023 was een nat najaar. In oktober en november viel er twee keer zoveel neerslag als normaal. Dit heeft ervoor gezorgd dat er weinig wintertarwe gezaaid kon worden. Het natte voorjaar van 2024 leidde tot een late start van het teeltseizoen, wat met name bij wintertarwe , pootaardappelen en suikerbieten lage opbrengsten tot gevolg had. Consumptie- en zetmeelaardappelen en zomergerst gaven desondanks goede opbrengsten te zien. Een gemengd beeld dus.
Consumptieaardappelen
De grafieken op deze pagina zijn visueel gepresenteerd en zijn niet goed leesbaar met screenreaders.
Grafiek wordt geladen...
De opbrengst van consumptieaardappelen op klei- en zandgrond is in 2024 gestegen ten opzichte van het voorgaande jaar. Op lössgrond is de opbrengst per ha juist lager dan in het voorgaande jaar. Het jaar 2024 betreft voorlopige cijfers.
Pootaardappelen
De grafieken op deze pagina zijn visueel gepresenteerd en zijn niet goed leesbaar met screenreaders.
Grafiek wordt geladen...
De opbrengst van pootaardappelen is op kleigrond in 2024 licht gestegen ten opzichte van 2023 en op zandgrond licht gedaald. Het niveau van de opbrengst op kleigrond is structureel hoger dan die op zandgrond. Het jaar 2024 betreft voorlopige cijfers.
Zetmeelaardappelen
De grafieken op deze pagina zijn visueel gepresenteerd en zijn niet goed leesbaar met screenreaders.
Grafiek wordt geladen...
De gewasopbrengst van zetmeelaardappelen is na vier jaren van stabiliteit in 2024 aanzienlijk gestegen. Het opbrengstniveau ligt in dit jaar op een niveau van 44 ton per hectare, een stijging van 3,5 ton ten opzichte van 2023. Het jaar 2024 betreft voorlopige cijfers.
Suikerbieten
De grafieken op deze pagina zijn visueel gepresenteerd en zijn niet goed leesbaar met screenreaders.
Grafiek wordt geladen...
De opbrengst van suikerbieten is in 2024 op alle grondsoorten sterk gedaald ten opzichte van 2023, in sommige gebieden 10 ton per ha of meer. Het jaar 2024 betreft voorlopige cijfers.
Uien
De grafieken op deze pagina zijn visueel gepresenteerd en zijn niet goed leesbaar met screenreaders.
Grafiek wordt geladen...
Op kleigrond variëren de opbrengsten van uien per hectare per jaar tussen de 36 en 60 ton. In 2024 is de opbrengst van uien op zowel zand- als kleigrond vergelijkbaar is met het jaar ervoor. Het jaar 2024 betreft voorlopige cijfers.
Wintertarwe
De grafieken op deze pagina zijn visueel gepresenteerd en zijn niet goed leesbaar met screenreaders.
Grafiek wordt geladen...
Op alle onderscheiden grondsoorten is de opbrengst van wintertarwe in 2024 sterk gedaald ten opzichte van 2023. Op zandgrond is deze daling 500 kg per ha, op kleigrond 1.500 kg per ha en op lössgrond zelfs 3.500 kg per ha. Het jaar 2024 betreft voorlopige cijfers.
Zomergerst
De grafieken op deze pagina zijn visueel gepresenteerd en zijn niet goed leesbaar met screenreaders.
Grafiek wordt geladen...
Zowel op zandgrond als op kleigrond is in 2024 een flinke stijging in de opbrengst van zomergerst (ca 1 ton per ha) zichtbaar ten opzichte 2023. Het jaar 2024 betreft voorlopige cijfers.
De opbrengst van consumptieaardappelen op kleigrond is in 2024 bijna 43 ton per hectare en op de zandgrond is dat ruim 55 ton per hectare. Op beide grondsoorten is er een stijging van de opbrengst van consumptieaardappelen ten opzichte van 2023. Ten opzichte van het gemiddelde van de vijf voorgaande jaren is de opbrengst in 2024 op kleigrond 12% lager en op zandgrond 14% hoger. Op lössgrond is de opbrengst van consumptieaardappelen in 2024 gedaald ten opzichte van het jaar ervoor naar een niveau van ruim 50 ton per hectare. Ten opzichte van het gemiddelde van de vijf voorgaande jaren is de opbrengst op lössgrond in 2023 3% hoger. De opbrengst van pootaardappelen in 2024 op kleigrond, bijna 38 ton per hectare is hoger dan die op zandgrond (ruim 27 ton per hectare). Ten opzichte van 2023 is de opbrengst van pootaardappelen op kleigrond 2% hoger en die van zandgrond 3% lager. In vergelijking met de gemiddelde opbrengst van pootaardappelen van de vijf voorgaande jaren is de opbrengst op zandgrond in 2024 ongeveer 8% lager en op kleigrond is 2024 vergelijkbaar met het gemiddelde van de jaren ervoor. Zetmeelaardappelen worden hoofdzakelijk op zand- en dalgrond geteeld, en hiervan is de opbrengst in 2024 44 ton per hectare. Dit is 8% hoger dan in 2023.
Op kleigrond is in 2024 de opbrengst van suikerbieten 78 ton per hectare en daarmee 13% lager dan het voorgaande jaar. Op beide andere grondsoorten hebben de suikerbieten het in 2024 ook slechter gedaan dan het jaar ervoor. Op lössgrond en op zandgrond is de opbrengst in 2024 een kleine 70 ton per hectare. De opbrengst in 2024 is in alle drie de regio’s lager dan het gemiddelde van de periode 2019-2023. Op klei- en zandgrond is dit 12%en op lössgrond 15% lager dan het gemiddelde van de vijf voorgaande jaren.
De uienopbrengst in 2024 is op zowel de klei- als de zandgrond gestabiliseerd ten opzichte van 2023. Op kleigrond is de opbrengst in 2024 bijna 45 ton per hectare en op zandgrond is dat iets meer namelijk 47 ton per hectare. De opbrengststijging op kleigrond is beperkt tot 21% en op de zandgrond is de opbrengst vrijwel gelijk aan 2023. Op lössgrond zijn in een beperkt aantal jaren voldoende waarnemingen om resultaten te kunnen publiceren.
Op alle drie de grondsoorten is een flinke afname in opbrengst van wintertarwe te zien in 2024. De opbrengst van wintertarwe in 2022 was het hoogste van de gehele periode 2006-2024. In 2024 was de opbrengst op de kleigrond het hoogste (ruim 7.500 kg per hectare), aflopend naar ruim 7.000 kg per hectare op de zandgrond en ruim 6.800 kg per hectare op lössgrond. Op kleigrond bracht de wintertarwe 19% minder op, op de zandgrond 13% minder en op de lössgrond zelfs 30% minder ten opzichte van het gemiddelde van de vijf voorgaande jaren.
Voor zomergerst was 2024 de teelt op zowel de klei- als de zandgrond een matig jaar. De opbrengst op beide grondsoorten schommelden rond de 6 ton per hectare, wat overigens wel een ton meer was dan in 2023. Op zandgrond is de gewasopbrengst in 2024 17% hoger dan in het voorgaande jaar en op kleigrond 22%. Ten opzichte van het gemiddelde van de 5 jaar daarvoor is er echter een daling te zien van 5% op zandgrond en van 6% op kleigrond. Het aantal waarnemingen van de teelt van zomergerst op de lössgrond is slechts in enkele jaren voldoende om resultaten te kunnen publiceren.
Over de indicator
Deze indicator beschrijft de gemiddelde kg-opbrengsten van akkerbouwgewassen. Om deze te berekenen is de volgende methode gebruikt:- Er zijn gegevens gebruikt van bedrijven die aan het LMM deelnemen. Om voor alle gewassen voldoende waarnemingen te krijgen zijn zowel bedrijven van het LMM-meetnet als andere bedrijven in het Bedrijveninformatienet van Wageningen Social & Economic Research gebruikt.
- Gegevens van alle bedrijfstypen zijn gebruikt, dus bijvoorbeeld ook de teelt van suikerbieten op melkveebedrijven.
- Gegevens van bedrijven met een biologische bedrijfsvoering zijn achterwege gelaten.
- De grondsoortindeling is gebaseerd op de belangrijkste grondsoort op het deelnemende bedrijf, ongeacht de grondsoortregio waarin dit bedrijf ligt.
- Er zijn geen gemiddelden gegeven als het minder dan 7 bedrijven betreft.
- De gemiddelden betreffen zogenaamde 'gewogen' gemiddelden. Dat wil zeggen dat bij de berekening van de gemiddelden rekening is gehouden met de oppervlakte van de teelt op bedrijfsniveau en met het aantal bedrijven dat door het steekproefbedrijf wordt vertegenwoordigd.
Bron en getoonde groep bedrijven
De gegevens voor de indicatoren zijn afkomstig uit het Bedrijveninformatienet van Wageningen Social & Economic Research. Binnen het Bedrijveninformatienet verzamelt Wageningen Social & Economic Research bedrijfsgegevens over ongeveer 1.500 individuele land- en tuinbouwbedrijven. De verzamelde gegevens betreffen vooral financieel-economische en duurzaamheidsgegevens.Alleen bedrijven in het Bedrijveninformatienet die binnen de definitie van het Landelijk Meetnet effecten Mestbeleid (LMM) vallen, worden getoond. Voor de bedrijven geldt dat ze minimaal 25.000 euro Standaardopbrengst hebben en 10 of meer ha cultuurgrond gebruiken.
Het jaar 2024 betreft voorlopige cijfers.

