Stikstofbenutting op bodemniveau op akkerbouwbedrijven

Laatste update: 17 december 2024 Update frequentie: Jaarlijks

Stikstofbenutting op bodemniveau is in 2023 49%

Tussen 2018 en 2022 benutten akkerbouwbedrijven, binnen het Landelijk Meetnet effecten Mestbeleid (LMM), gemiddeld 52% van de stikstof die op hun bodem terechtkwam. In 2023 was dit iets lager, met 50%. De benuttingsgraad in de Kleiregio was in 2023 met 47% het laagst ten opzichte van de andere regio’s. Bedrijven in de Lössregio hadden in 2023 een gemiddelde van benuttingsgraad van 57%.

Gemiddeld

Grafiek wordt geladen...
De gemiddelde benuttingsgraad van stikstof op bodemniveau op akkerbouwbedrijven is gedaald in 2023 naar 50%. Dit is een daling ten opzichte van 2022, maar vergelijkbaar met het langjarig gemiddelde van de vijf voorgaande jaren (52%). Het jaar 2023 betreft voorlopige cijfers.

Spreiding

Grafiek wordt geladen...
De mediaan (middelste waarneming) van de benuttingsgraad van stikstof op bodemniveau op akkerbouwbedrijven is in 2023 49%. Dit is vergelijkbaar met het langjarige gemiddelde van de vijf voorgaande jaren (51%). Vijftig procent van de bedrijven heeft een benuttingsgraad tussen de 44% en 55%. Het jaar 2023 betreft voorlopige cijfers.

Aan- en afvoer

Grafiek wordt geladen...
De aanvoer van stikstof is in 2023 hoger dan het voorgaande jaar. De afvoer van stikstof op bodemniveau op akkerbouwbedrijven is in 2023 lager dan het voorgaande jaar. Het jaar 2023 betreft voorlopige cijfers.

Regio

Grafiek wordt geladen...
De gemiddelde stikstofbenutting op bodemniveau op akkerbouwbedrijven is het hoogst in de Lössregio en het laagst in de Kleiregio. Het jaar 2023 betreft voorlopige cijfers.

Uit de cijfers blijkt dat driekwart van de LMM-bedrijven een stikstofbenutting haalt van minstens 44%, terwijl een kwart boven de 55% uitkomt. Door gewassen zo efficiënt mogelijk stikstof te laten gebruiken, blijft er minder overschot in de bodem achter. Dit overschot kan namelijk deels of helemaal wegspoelen, wat schadelijk is voor het milieu. Een hoge benuttingsgraad helpt dus om deze risico’s te beperken. Echter, vanwege wisselende (weers)omstandigheden is het soms lastig om goede gewasopbrengsten te verkrijgen, waardoor de stikstofafvoer laag is, en daarmee de benuttingsgraad daalt.

Lagere stikstofaanvoer

Zowel de aanvoer als afvoer van stikstof is in 2023 lager in vergelijking met het vijfjarig gemiddelde van voorgaande jaren (2018-2022). De stikstofafvoer is wel vaker laag geweest, maar de stikstofaanvoer is over het algemeen vrij stabiel. Mogelijk dat de aangescherpte stikstofnormen in met nutriënten verontreinigde gebieden hebben gezorgd voor een lagere aanvoer van mest.

Historisch gezien toont de stikstofafvoer een wisselend patroon. Tot 2014 was er een duidelijke stijging, maar sinds 2015 schommelen de waarden. Droge jaren zoals 2018 lieten een lagere gewasafvoer zien, terwijl in betere jaren zoals 2017, 2019 en 2022 de afvoer juist hoger lag. Dit benadrukt hoe sterk weersomstandigheden de stikstofbenutting via gewassen kunnen beïnvloeden.

Zandregio

Grafiek wordt geladen...
De benuttingsgraad van stikstof op bodemniveau op akkerbouwbedrijven in de Zandregio schommelt flink door de jaren heen: in 2023 is deze gemiddeld 56%. Het jaar 2023 betreft voorlopige cijfers.

Kleiregio

Grafiek wordt geladen...
De benuttingsgraad van stikstof op bodemniveau op akkerbouwbedrijven in de Kleiregio schommelt flink door de jaren heen: in 2023 is deze gemiddeld 47%. Het jaar 2023 betreft voorlopige cijfers.

Lössregio

Grafiek wordt geladen...
De benuttingsgraad van stikstof op bodemniveau op akkerbouwbedrijven in de Kleiregio schommelt flink door de jaren heen: in 2023 is deze gemiddeld 57%. Het jaar 2023 betreft voorlopige cijfers.

Over de indicator

De stikstofbenuttingsgraad op bodemniveau beschrijft het percentage van de aanvoer op de bodem wat via de gewasopbrengst (benutbare afvoer) wordt afgevoerd. De aanvoer bestaat uit stikstof uit dierlijke meststoffen, kunstmest en overige organische meststoffen, uitgangsmateriaal (zaaizaad en pootgoed), mineralisatie, klaverbinding en depositie. De afvoer bestaat uit stikstof in het geoogste deel van het gras inclusief weide-, maai- en oogstverliezen, weidegras, mais en af te voeren akkerbouwgewassen.

De benuttingsgraad op bodemniveau = afvoer in kg stikstof per ha/aanvoer in kg stikstof per ha*100%.

Onwaarschijnlijke uitkomsten worden niet meegenomen. Uitsluitend benuttingsgraden die maximaal 3 x de standaardafwijking van het gemiddelde af liggen zijn meegenomen.

Bron en getoonde groep bedrijven

De gegevens voor beide indicatoren zijn afkomstig uit het Bedrijveninformatienet van Wageningen Social & Economic Research. Binnen het Bedrijveninformatienet verzamelt Wageningen Social & Economic Research bedrijfsgegevens over ongeveer 1.500 individuele land- en tuinbouwbedrijven. De verzamelde gegevens betreffen vooral financieel-economische en duurzaamheidsgegevens.

Alleen bedrijven in het Bedrijveninformatienet die binnen de definitie van het Landelijk Meetnet effecten Mestbeleid (LMM) vallen, worden getoond. Voor de bedrijven geldt dat ze minimaal 25.000 euro Standaardopbrengst hebben en 10 of meer ha cultuurgrond gebruiken.