Saldi veehouderij: sterke pluimveeresultaten houden stand, marges melkvee blijven zwak en ongelijkmatige ontwikkeling op de varkensmarkt |
30-4-2026 |
De inkomensontwikkeling in de Nederlandse veehouderij laat begin 2026 opnieuw duidelijke verschillen zien tussen sectoren. Waar de pluimveehouderij profiteert van aanhoudend sterke marktomstandigheden, blijven de resultaten in de melkveehouderij achter en zijn er verschillende ontwikkelingen in de varkenshouderij.
Melkveehouderij: lage melkprijs drukt saldo
Het maandsaldo van het gestandaardiseerde melkveebedrijf bedroeg in maart 2026 ongeveer 20.600 euro per bedrijf. Daarmee ligt het resultaat significant onder dat van maart 2025 (-38%) en ook onder het langjarig gemiddelde (-5%). De belangrijkste oorzaak is de melkprijs, die sinds het najaar van 2025 sterk is gedaald, maar in maart 2026 stabiliseerde. Hoewel de kosten iets zijn afgenomen, blijven ze relatief hoog, waardoor het saldo op een laag niveau blijft.
Varkenshouderij: zeugensaldo’s herstellen, saldo vleesvarkens blijft onder druk
Binnen de varkenshouderij lopen de ontwikkelingen uiteen. In de zeugenhouderij verbeterde het resultaat in korte tijd sterk, met een maandsaldo van 39.900 euro per bedrijf in maart. Dit herstel hangt samen met een duidelijke stijging van de biggenprijzen. In de vleesvarkenshouderij blijft het beeld negatief. Het saldo kwam in maart uit op -8.100 euro per bedrijf. De stijgende opbrengstprijzen konden de sterk opgelopen kosten voor biggen niet compenseren.
Pluimveehouderij: rendement blijft op hoog niveau
De pluimveehouderij blijft de best presterende sector. Leghennenbedrijven realiseerden in maart een maandsaldo van ongeveer 118.300 euro per bedrijf, ruim boven het niveau van voorgaande jaren. Ook vleeskuikenbedrijven noteerden solide resultaten met ongeveer 39.900 euro per bedrijf, ondanks een lichte afname ten opzichte van eerdere maanden. De combinatie van een krap aanbod in Europa en hoge prijzen ondersteunt deze marges.
|