Stikstofbodemoverschot op melkveebedrijven

Laatste update: 31 juli 2026 Update frequentie: Jaarlijks

Stikstofbodemoverschot per ha in 2024 24 kg per ha hoger dan het voorgaande jaar

De aanvoer en afvoer van stikstof op bedrijfsniveau bepaalt het bedrijfsoverschot en in belangrijke mate ook het bodemoverschot. Op melkveebedrijven in de Veenregio van het Landelijk Meetnet effecten mestbeleid (LMM) was de aanvoer van stikstof via (netto)mineralisatie in 2024 zo’n 89 kg per ha cultuurgrond. Vooral vanwege deze aanvoer was het stikstofbodemoverschot in de Veenregio (2024: 180 kg stikstof per ha) van alle grondsoortregio’s het hoogst. Het stikstofbodemoverschot op melkveebedrijven in 2024 was met gemiddeld 149 kg per ha vergelijkbaar met het jaar 2020.

Gemiddeld

De grafieken op deze pagina zijn visueel gepresenteerd en zijn niet goed leesbaar met screenreaders.
Grafiek wordt geladen...
Het stikstofbodemoverschot op melkveebedrijven in 2024 bedroeg 149 kg per ha. Dit is hoger dan het jaar ervoor en vergelijkbaar met het jaar 2020.

Spreiding

De grafieken op deze pagina zijn visueel gepresenteerd en zijn niet goed leesbaar met screenreaders.
Grafiek wordt geladen...
De spreiding in het stikstofbodemoverschot op melkveebedrijven in 2024 bedroeg 116 tot 184 kg per ha (25-75-procentwaarden). De mediaan (middelste waarneming) bedroeg in 2024 146 kg stikstof per ha.

Regio

De grafieken op deze pagina zijn visueel gepresenteerd en zijn niet goed leesbaar met screenreaders.
Grafiek wordt geladen...
In alle regio’s trad in 2024 een stijging op van het stikstofbodemoverschot op melkveebedrijven ten opzichte van het jaar ervoor, behalve in de Lössregio. In deze regio was het stikstofbodemoverschot in 2024 lager dan in 2023. Vanwege de aanvoer van stikstof via mineralisatie is het stikstofbodemoverschot per ha in de Veenregio hoger in andere grondsoortregio’s.

Historische data

De grafieken op deze pagina zijn visueel gepresenteerd en zijn niet goed leesbaar met screenreaders.
Grafiek wordt geladen...
In de jaren negentig bedroeg het gemiddelde stikstofbodemoverschot per grondsoortregio ruim 300 kg stikstof per ha. De eerste jaren na de eeuwwisseling was dit niveau gedaald tot ongeveer 180 kg stikstof per ha.

In 2024 hadden melkveehouders in de Kleiregio een bodemoverschot van gemiddeld 163 kg stikstof per ha. De collega’s in de Zandregio (128 kg stikstof per ha) en de Lössregio 92 kg stikstof per ha) zaten daaronder. In drie van de vier grondsoortregio’s (Klei, Zand en Veen) was het stikstofbodemoverschot in 2024 hoger dan in het voorafgaande jaar. In de Lössregio was het lager. Door veranderingen in de steekproef in de Veenregio komen kleine fluctuaties in het gemiddelde aandeel veengrond voor die doorwerken in de stikstof aanvoer via (netto)mineralisatie en daarmee in het gemiddelde en de spreiding van bodemoverschot. De spreiding in het stikstofbodemoverschot in 2024 gaf een minimaal (25-procentwaarde) overschot van 142 kg per ha voor de Veenregio. In de andere regio’s lag die grenswaarde op gelijk niveau tot ongeveer 60 kg per ha lager. Voor het maximum (75-procentwaarde) gold een overschot van 220 kg per ha in de Veenregio, wat tot 110 kg hoger was in vergelijking met andere grondsoortregio’s.

Zandregio

De grafieken op deze pagina zijn visueel gepresenteerd en zijn niet goed leesbaar met screenreaders.
Grafiek wordt geladen...
De mediaan (middelste waarneming) van het stikstofbodemoverschot op melkveebedrijven in de Zandregio bedroeg in 2024 133 kg per ha. De helft van het aantal melkveebedrijven heeft een stikstofbodemoverschot wat in 2024 lag tussen de 103 tot 158 kg per ha.

Kleiregio

De grafieken op deze pagina zijn visueel gepresenteerd en zijn niet goed leesbaar met screenreaders.
Grafiek wordt geladen...
De mediaan (middelste waarneming) van het stikstofbodemoverschot op melkveebedrijven in de Kleiregio bedroeg in 2024 164 kg per ha. De helft van het aantal melkveebedrijven heeft een stikstofbodemoverschot wat in 2024 lag tussen de 134 tot 193 kg per ha.

Veenregio

De grafieken op deze pagina zijn visueel gepresenteerd en zijn niet goed leesbaar met screenreaders.
Grafiek wordt geladen...
De mediaan (middelste waarneming) van het stikstofbodemoverschot op melkveebedrijven in de Veenregio bedroeg in 2024 185 kg per ha. De helft van het aantal melkveebedrijven heeft een stikstofbodemoverschot wat in 2024 lag tussen de 142 tot 220 kg per ha.

Lössregio

De grafieken op deze pagina zijn visueel gepresenteerd en zijn niet goed leesbaar met screenreaders.
Grafiek wordt geladen...
De mediaan (middelste waarneming) van het stikstofbodemoverschot op melkveebedrijven in de Lössregio bedroeg in 2024 93 kg per ha. De helft van het aantal melkveebedrijven heeft een stikstofbodemoverschot wat in 2024 lag tussen de 81 tot 111 kg per ha.

Afnemende stikstofdepositie

Naast aanvoerposten in de bedrijfsnutriëntenboekhouding wordt in de bodemboekhouding rekening gehouden met de aanvoer van stikstof door depositie, stikstofbinding door vlinderbloemige gewassen en (netto)mineralisatie op bedrijven met veen- en moerige gronden. In 2024 was het totaal van deze drie aanvoerposten 54 kg stikstof per ha. Hiervan was gemiddeld 14 kg stikstof per ha afkomstig uit stikstofbinding door vlinderbloemige gewassen. De gemiddelde depositie op melkveebedrijven in het LMM is in de periode 2006-2024 gedaald van 30 naar 19 kg stikstof per ha. Op melkveebedrijven in de Veenregio was de stikstofaanvoer door (netto)mineralisatie van organische bodems gemiddeld ongeveer 89 kg per ha. De gemiddelde mineralisatie per ha cultuurgrond neemt af, doordat het aandeel veengrond op melkveebedrijven in de Veenregio is gedaald. In de andere regio’s speelt de mineralisatie niet of nauwelijks een rol.

Nederland

De grafieken op deze pagina zijn visueel gepresenteerd en zijn niet goed leesbaar met screenreaders.
Grafiek wordt geladen...
De stikstofaanvoer op de bodem van melkveebedrijven bedroeg in 2024 gemiddeld 374 kg per ha en bestaat voor 85% uit aanvoer van de bedrijfsboekhouding.

Zandregio

De grafieken op deze pagina zijn visueel gepresenteerd en zijn niet goed leesbaar met screenreaders.
Grafiek wordt geladen...
De stikstofaanvoer op de bodem van melkveebedrijven in de Zandregio bedroeg in 2024 gemiddeld 373 kg per ha en bestaat voor 88% uit aanvoer van de bedrijfsboekhouding.

Kleiregio

De grafieken op deze pagina zijn visueel gepresenteerd en zijn niet goed leesbaar met screenreaders.
Grafiek wordt geladen...
De stikstofaanvoer op de bodem van melkveebedrijven in de Kleiregio bedroeg in 2024 gemiddeld 377 kg per ha en bestaat voor 90% uit aanvoer van de bedrijfsboekhouding.

Veenregio

De grafieken op deze pagina zijn visueel gepresenteerd en zijn niet goed leesbaar met screenreaders.
Grafiek wordt geladen...
De stikstofaanvoer op de bodem van melkveebedrijven in de Veenregio bedroeg in 2024 gemiddeld 372 kg per ha en bestaat voor 70% uit aanvoer van de bedrijfsboekhouding en voor 24% uit aanvoer via mineralisatie.

Lössregio

De grafieken op deze pagina zijn visueel gepresenteerd en zijn niet goed leesbaar met screenreaders.
Grafiek wordt geladen...
De stikstofaanvoer op de bodem van melkveebedrijven in de Lössregio bedroeg in 2024 gemiddeld 311 kg per ha en bestaat voor 89% uit aanvoer van de bedrijfsboekhouding.

Emissie bepaalt mede het bodemoverschot

De afvoer van stikstof door weide-, stal- opslag- en mestaanwendingsemissie op melkveebedrijven bedroeg in 2024 gemiddeld 50 kg per ha. Hiervan is 30 kg stikstof per ha afkomstig uit de stal en mestopslag, 1 kg stikstof per ha vanuit beweiding en 19 kg stikstof per ha afkomstig van mestaanwending. De emissie naar de lucht wordt in mindering gebracht op de hoeveelheid stikstof van het bedrijfsoverschot om uiteindelijk het bodemoverschot te berekenen.

Nederland

De grafieken op deze pagina zijn visueel gepresenteerd en zijn niet goed leesbaar met screenreaders.
Grafiek wordt geladen...
De stikstofafvoer op de bodem van melkveebedrijven bedroeg in 2024 gemiddeld 224 kg per ha en bestaat voor 78% uit afvoer van de bedrijfsboekhouding.

Zandregio

De grafieken op deze pagina zijn visueel gepresenteerd en zijn niet goed leesbaar met screenreaders.
Grafiek wordt geladen...
De stikstofafvoer op de bodem van melkveebedrijven in de Zandregio bedroeg in 2024 gemiddeld 244 kg per ha en bestaat voor 81% uit afvoer van de bedrijfsboekhouding.

Kleiregio

De grafieken op deze pagina zijn visueel gepresenteerd en zijn niet goed leesbaar met screenreaders.
Grafiek wordt geladen...
De stikstofafvoer op de bodem van melkveebedrijven in de Kleiregio bedroeg in 2024 gemiddeld 214 kg per ha en bestaat voor 75% uit afvoer van de bedrijfsboekhouding.

Veenregio

De grafieken op deze pagina zijn visueel gepresenteerd en zijn niet goed leesbaar met screenreaders.
Grafiek wordt geladen...
De stikstofafvoer op de bodem van melkveebedrijven in de Veenregio bedroeg in 2024 gemiddeld 192 kg per ha en bestaat voor 73% uit afvoer van de bedrijfsboekhouding.

Lössregio

De grafieken op deze pagina zijn visueel gepresenteerd en zijn niet goed leesbaar met screenreaders.
Grafiek wordt geladen...
De stikstofafvoer op de bodem van melkveebedrijven in de Lössregio bedroeg in 2024 gemiddeld 219 kg per ha en bestaat voor 80% uit afvoer van de bedrijfsboekhouding.

Over de indicator

De indicator stikstofbodemoverschot geeft de omvang van het overschot aan stikstof op de bodem, uitgedrukt in kilogram stikstof per ha. Het bodemoverschot is het gedeelte van de nutriëntenaanvoer naar de bodem dat niet door het geproduceerde gewas wordt opgenomen.

Het bodemoverschot is het gedeelte van de nutriëntenaanvoer aan de bodem dat niet door het geproduceerde gewas wordt opgenomen. Dit blijft onbenut in de bodem en kan gevoelig zijn voor uitspoeling richting het grondwater. Naast uitspoelen kan de stikstof die over is ook in de bodem worden opgeslagen of uit de bodem vervluchtigen (denitrificatie). Het stikstofbodemoverschot wordt berekend als het overschot op bedrijfsniveau (som van alle aanvoer minus som van alle afvoer inclusief voorraadmutaties) plus de aanvoer van stikstof via depositie, nettomineralisatie en fixatie minus het verlies aan stikstof via emissie bij toediening (organische mest en kunstmest), bij beweiding en uit stal en opslag.

In formule: bodemoverschot = bedrijfsoverschot + aanvoerposten - afvoerposten.

Aanvoerposten
  • Mineralisatie: Voor gras op veen: 160 kg stikstof per ha per jaar; overige gewassen op veen en dalgrond (ongeacht gewas): 20 kg stikstof per ha per jaar; alle overige gronden: 0 kg per ha.
  • Atmosferische depositie: Depositie van vermestende stoffen, uitgedrukt in kg stikstof per ha.
  • Stikstofbinding door vlinderbloemigenVoor klaver in grasland: de hoeveelheid stikstofbinding is afhankelijk gesteld van het klaveraandeel en de graslandopbrengst Voor overige gewassen: hoeveelheid per gewas in kg stikstof per ha.

Afvoerposten
  • Vervluchtiging uit stal en opslag en beweiding: Ammoniakemissie uit stal en opslag: de totale stikstofemissie wordt berekend als percentage van het uitgescheiden totaal ammoniakaal stikstof (TAN) of een forfaitaire emissiewaarde. Forfaitaire emissiewaarden zijn gebaseerd op beschikbare referenties. Vanaf 2015 zijn deze waarden gebaseerd op een herziening van excretieforfaits Meststoffenwet 2019.
  • Vervluchtiging toediening: De emissie bij toediening wordt berekend als percentage van de toegediende TAN op basis van de emissiefactoren.


Bron en getoonde groep bedrijven

De gegevens voor beide indicatoren zijn afkomstig uit het Bedrijveninformatienet van Wageningen Social & Economic Research. Binnen het Bedrijveninformatienet verzamelt Wageningen Social & Economic Research bedrijfsgegevens over ongeveer 1.500 individuele land- en tuinbouwbedrijven. De verzamelde gegevens betreffen vooral financieel-economische en duurzaamheidsgegevens.

Alleen bedrijven in het Bedrijveninformatienet die binnen de definitie van het Landelijk Meetnet effecten Mestbeleid (LMM) vallen, worden getoond. Voor de bedrijven geldt dat ze minimaal 25.000 euro Standaardopbrengst hebben en 10 of meer ha cultuurgrond gebruiken.